Lees en bekijk allerlei kleine of grote weetjes met informatie over Tenerife.

Heeft u ook een bijdrage voor deze pagina?


27. De Romerías op Tenerife

Op de Canarische Eilanden en dus ook op Tenerife zijn traditionele romerías vrolijke en populaire evenementen. De meeste dorpen proberen uit te blinken met de bijzonderheden van hun gebied. Letterlijk betekent het woord romería processie of bedevaart.

De romería die als oudste van de Canarische eilanden wordt beschouwd is de romería in Güímar die gevierd wordt ter ere van de Virgen del Socorro. De bedevaart van San Benito Abad in San Cristóbal de La Laguna is meest representatieve bedevaart op de Canarische Eilanden, omdat daar groepen zijn die van alle Canarische eilanden komen. Om die reden wordt die romería ook wel gezien als één van de belangrijkste van Spanje.

Andere befaamde romerías op Tenerife zijn die van San Isidro te La Orotava, de Romería ter ere van de Maagd van Candelaria en de romería van Tegueste ter ere van San Marcos.  Maar daarnaast heeft vrijwel elke andere stad of dorp zijn eigen romería waarbij het er net zo uitbundig aan toegaat. Ossenkarren, ezels, geiten en muziek met gitaren, trommels en blaasinstrumenten zorgen voor een levendige sfeer terwijl intussen allerlei (zoete) lekkernijen over de hoofden van het publiek worden uitgestrooid.

Op de Canarische Eilanden zijn de romerías elk jaar het belangrijkste festival in elk dorp of elke stad. Mensen kleden zich meestal in traditionele Canarische kleding, die van gebied tot gebied verschillend is. Het zijn festivals waar het zijn van een Canariër tot uitdrukking gebracht wordt en waarbij de gelegenheid genomen wordt om de typische Canairsche  producten te proeven.


26. Gekko´s en Vanderwaalskrachten.

U kent ze zeker want op Tenerife kunnen we in de avond en nacht veel gekko´s waarnemen. Leuke beestjes die u kunt zien rennen en plakken  op uw terras en in uw huis maar ze zitten  ook op uw glas of uw plafond.

Hoe kan het dat een gekko zich zo makkelijk over glas en aan plafonds kan bewegen? Dat vroegen mensen zich al duizenden jaren af. Het is geen kleefstof en het zijn ook geen mini-grijpertjes, Maar wat dan?
Sinds een jaar of 10 is het raadsel opgelost.
Gekko´s kunnen overal aan hechten omdat ze gebruik maken van hele zwakke elektromagnetische krachten die moleculen bij elkaar houden. Die krachten worden de  vaderwaalskrachten, genoemd naar de nederlandse nobelprijswinnaar Van der Waals die ze ontdekte.

Elk materiaal bestaat uit moleculen, dat zijn de mocroscopisch kleine deeltjes waaruit een stof bestaat en die moleculen die worden bij elkaar gehouden met deze krachten. Dat werkt met hele zwakke elektromagnetische velden en de gekko maakt daar gebruik van. Daartoe zitten zijn tenen vol met hele fijne haartjes die zich uitsplitsen in nog fijnere draadjes. Daar heeft elk beestje er meer dan een miljard per pootje van. En die laatste draadjes zijn zo fijn dat ze op moleculair nivo met een ander materiaal in vast contact kunnen blijven door gebruik te maken van die elektromagnetische vanderwaals krachten.

Het staat nog eens heel mooi uitgelegd op de video.

Overigens, gekko´s kunt u vaak gewoon aaien. Als u het voorzichtig aanpakt zullen ze meestal niet weglopen.

Klik om te

vergroten.


25. De drakenbloedboom of Dracaena draco.

Voor de Guanches op Tenerife was de drago al een belangrijke boom.  Ze hadden tenminste één klein heiligdom van een uitgeholde boomstam die ze aanbaden. Het was zo´n 20 meter lang en zo´n 4 meter in doorsneden. Dit mooie stukje historie is helaas verloren gegaan in een storm 1868. Het sap gebruikten de Guanches om hun doden te balsemen.

Door de Europeanen werd het sap gezien als een product van hekserij omdat het in de lucht oranje rood verkleurd. Dat verklaard wellicht ook de naam drakenbloed. Het sap werd destijds gebruikt als verfstof en werd ook enige tijd voor medicinale doeleinden gebruikt.

 

Als verfstof  voldeed het zo goed dat het gebruikt werd voor het kleuren van violen door viool bouwers in heel Europa. Ook voor houten blaasinstrumenten werd het veelvuldig op de houten delen aangebracht vanwege de mooie glans en kleur.  Als medicijn is een recept uit de 18-tiende eeuw bekend voor het maken van tandpasta.
In de huidge tijd wordt het nog maar spaarzaam als verfstof gebruikt. De Drago is een sierplant geworden. Plant want het is geen boom. De structuur is opmerkelijk. In het midden van de stam zit een holle ruimte van boven naar beneden. Daar hangen de wortels als lossen draden naar beneden tot diep in de grond.

In Leiden, in de oudste "echte" botanische tuin uit 1590, werden toen al drakenbloedboompjes gekweekt vanwegen de bijzondere kenmerken die deze plant heeft.


24. Arte mudéjar op Tenerife.

Alle twee hebben ze het, de Iglesia San Francisco in Puerto de la Cruz en de  Capilla de San Cristóbal de La Laguna. Een plafond in een stijl die we arte mudéjar noemen. Dezelfde patronen in  hout en steen komen in gevels en op deuren voor. Het is een unieke Spaanse stijl die zijn oorsprong heeft in een mengvorm van Spaanse en Moorse architectuur, aldus uitmondend in de mudejarsierkunst. De uitvoering kan heel rijkelijk geornamenteerd zijn maar op de Canarische eilanden is de stijl beperkt gebleven tot een aantal vrij terughoudend versierde gebouwen. En dan meestal alleen nog de plafonds.

Klik op de foto´s voor een vergroting.

Als u in of rond de oude gebouwen van Tenerife bent en er een beetje op let ziet u elementen van deze stijl overal terug komen. Kijk dan ook naar boven want de plafonds zijn toch de meest voorkomende voorbeelden van deze stijl. In een aantal nieuwe woon gebouwen of hotels kunt u de stijl ook terugvinden bij wijze van (soms overdreven) decoratie naar een oude stijl. Bekend is lotus park  in Puerto de la Cruz waar de stijl zelfs terugkomt in de keukens en badkamers van de appartementen.

De video geeft een mooie indruk van de stijl.


23.  Lucha Canaria.

Lucha Canaria, ook wel bekend als Canarisch worstelen, is een traditionele wedstrijdsport op de Canarische Eilanden.
De wedstrijden vinden plaats op een "terrero". Dit is een rond gebied met zand waarin twee cirkels met een diameter van 15 en 17 meter zijn aangegeven. 

 

Het gevecht begint met een groet en een fluitsignaal van de scheidsrechter.  De twee luchadores gaan dan met de ​​schouder tegen elkaar staan en pakken elkaars opgerolde broekspijpen vast. Door het inzetten van het eigen gewicht, slimme aanvals technieken en onverwachte handgrepen probeert men de tegenstander te vloeren. Schoppen of slaan mag niet. Als een deelnemer de grond met een ander lichaamsdeel dan zijn voeten heeft hij een ronde verloren. De luchador die twee rondes heeft gewonnen is de winnaar van de wedstrijd. Volgens de traditie helpt de winnaar bij et opstaan en begeleid hij de verliezer naar zijn plek.

De Federación de Lucha Canaria, die sinds 1943 bestaat organiseert de wedstrijden en stimuleert vrouwen om de sport ook te gaan beoefenen. De federatie zorgt ook voor promotie van de sport op scholen. Een gebouw waarin de gevechten plaatsvinden heet een Campo de Lucha. Daar zijn er zo´n 20 van op Tenerife.


22.  Amaro Pargo.

Deze in Spanje vrij bekende figuur  stond bekend om zijn  zijn geslepenheid als koopman. Maar hij was ook kaper, een door de staat gedoogde piraat met een vergunning tot kapen. In die hoedanigheid was hij een niet te missen kapitein die tussen het Caribisch gebied en de Canarische eilanden schepen aanviel die uit Engeland en Nederland kwamen of op de weg terug waren.

Vanwege die diensten voor de Spaanse koningen  (en het land) kreeg hij in 1725 het predicaat Caballero hidalgo en ontving hij in 1727 en adels titel en koninklijke wapens.

In zijn testament schreef deze kaper dat hij een gebeeldhouwde kist in zijn huis verborgen had die zilveren en gouden sieraden, parels en edelstenen van grote waarde bevatte, Er zouden chinees porselein, rijke stoffen en schilderijen zijn en hij voegde eraan toe dat alles gespecificeerd was in een in perkament gewikkeld boek met het kenmerk "D" op de omslag. Niemand heeft dat boek ooit gezien.  In de eeuwen daarna hebben mensen gespeculeerd over de verblijfplaats van de schat. Zijn huis werd door de jaren heen geplunderd door gelukzoekers en er werd gedacht  dat de schat zich in de grot van San Mateo in Punta del Hidalgo bevond, Dat was één van zijn grotten om zijn buit te verbergen. Maar net zoals bij vrijwel alle piraten met dit soort verhalen is de schat nooit gevonden.

Van zijn huis op Tenerife zijn de overblijfselen nog te vinden in de gemeente El Rosario / La Esperanza. Vlakbij Ermita del Rosario staat een grote oude ruïne. Het huis is voor een groot deel ingestort en niets herhinnerd aan de grandeur die het ooit had. Vanaf hier is  de hele kust en het eiland Gran Canaria zien. Deze ligging bood dus een goed zicht op de zee zodat de kaper vanaf dit punt de schepen goed kon zien en ze vervolgens aanviel.


21.  Cesar Manrique. 

Op Tenerife maar nog veel meer op Lanzarote staan ontwerpen van Cesar Manrique, een ontwerper met een bijzondere visie. Zijn stijl wordt gekenmerkt door het samenvloeien van natuur en architectuur waarmee hij een  volledig nieuw concept creëerde dat hij kunst-natuur / natuur-kunst noemde.

 

De vormtaal is heel eenvoudig en organisch. het is niet recht. maar ook niet altijd vloeiend rond en toch heeft het een struktuur en een onmiskenbare harmonie. Dat zie je bij de zwembaden  die op meren lijken, op de beschouwer overkomen als door  de natuur gevormd maar toch duidelijke constructies zijn. Hij gebruikte natuurlijke vulkanisch gesteente,  cactussen en andere planten als onverwachte stijlelementen. Een ander wezenlijk deel van zijn ontwerpen is licht terwijl wit zijn allesoverheersende kleur is. De andere kleuren zijn vaak primaire kleuren die ook mogen blinken tegen de bijna altijd witte achtergrond.

De video geeft een beknopt beeld van zijn stijl. Het gaat over de "Fundacion Cesar Manrique" op Lanzarote-

Op Tenerife zijn een aantal van zijn werken te bekijken maar de meest kenmerkende zijn toch wel de zwembad complexen in Puerto de La Cruz en in Santa Cruz.

Dit is een heel beknopt stukje. Er is zoveel meer te vertellen over deze unieke ontwerper en op deze link vind u meer....... https://ociocostamartianez.com/en/cesar-manrique-3/.


20. Colombicultura.

Met enige regelmaat kunt u gekleurde vogels in de lucht zien vliegen. Doorgaans in grote groepen vliegen ze zichtbaar in opvallend felle kleuren aan u voorbij. Waarschiijnlijk weet u wel dat het duiven zijn maar niet iedereen weet waarom ze geverfd zijn. 

In tegenstelling met wat veelal wordt gedacht zijn het geen postduiven., Met deze bezigheid gaat men een echte uitdaging aan. Men laat één vrouwtjesduif los en iets later laat men een aantal mannetjes duiven los die achter het vrouwtje aanvliegen. In het reglement staat dat de doffer die haar verleidt en zo lang mogelijk naast haar zit, zonder dat hij zich laat verdringen door die andere doffers, de de winnaar van de wedstrijd is. 


De opvallende kleuren zijn daarbij nodig zodat de scheidsrechter en de eigenaren de vogels van elkaar kunnen onderscheiden. In het clubhuis is een bord te zien met een tekening van alle duiven en de erbij horende  kleurstelling.

De duiven wordt vlak bij het dorp losgelaten. De vrouwtjesduif heeft een kleine zender waardoor de deelnemers weten waar de duif is. Uiteraard is het soms lastig om dicht bij de duiven te komen waardoor er een tocht door de velden noodzakelijk is om de duiven te kunnen observeren. Het is een bijzonder gezicht om de mannen, uitgerust met stopwatches, verrekijkers, pen en papier en mobiele telefoons door de velden te zien rennen.

Maar er zal uiteindelijk maar één winnaar zijn en daarna is het feest in het clubhuis. Zoals altijd, sport vebroederd.


19. Ronmiel, de lokale sterke drank.

Ronmiel (spreek uit ron miejel ) is een rumsoort van de Canarische Eilanden. De naam is letterlijk te vertalen als honing rum. Daarom moet de drank ook teminste 2% honing bevatten.
De grondstof is suikerriet of melasse, net zoals van andere rumsoorten.

Ronmiel heeft een goud-oranje kleur en wordt wordt gemaakt met 20 of 30% alcohol. De smaak is zacht en een beetje zoet waartussen door de honingeur nog te herkennen is.

Toen eenmaal de handelsvloten tussen Europa en Amerika op gang kwamen voer men doorgaans langs de Canarische eilanden. De (toen al) lokale bevolking leerde daardoor de produkten uit Amerika kennen waaronder de met suikerriet gestookte rum.Het is niet bekend waarom maar op de eilanden ging men honing toevoegen en zo onstond de lokale drank waarover we het hier hebben.

Video door Arucas Las Palmas.

Op Gran Canaria bevind zich ia Destileria Arucas in Las Palmas en op Tenerife Destileria San Bartolome. Beiden zijn gespecialiseerd in de honingrum en produceren de originele Canarische rum uit suikerriet met speciaal geselecteerde honing.


18. Gierend vliegt de gierzwaluw oneindig door de lucht.

De gierzwaluw (Apus apus) is een vogelsoort die op de gewone zwaluwen lijkt, maar is er niet nauw mee verwant; de overeenkomsten zijn gebaseerd op overeenkomstige evolutie. Het is een trekker voor lange afstanden. Hij verblijft tijdens het broedseizoen vooral van begin april tot begin augustus op Tenerife. De winterverblijven bevinden zich in Afrika, ten zuiden van de evenaar.

Gierzwaluwen zijn uitermate geschikt om in de lucht te leven. Buiten het broedseizoen zijn ze ongeveer tien maanden bijna zonder onderbreking in de lucht. In de voorzomer en de zomer vallen de gezellige vogels in de lucht  op met hun schrille roep. Tijdens hun vliegmanoeuvres kunnen ze duiken met snelheden van meer dan 200 km / h.

Ze vliegen op een onvoorspelbare wijze door de lucht en vangen al etend het zogenaamde luchtplankton dat tot op grote hoogte wordt meegenomen door opstijgende lucht of de thermiek. Gierzwaluwen komen vrijwel nooit op de grond, eten en drinken vliegend  en vliegen zelfs slapend. De nesten bevinden zich op grote hoogten en als de jongen uitvliegen      moeten ze in de lucht blijven. Op de grond sterven ze een zekere dood.


17. Chaxiraxi, de patroon heilige van de Canarische eilanden.

Ergens tussen 1392 tot 1401, dus voordat de Spanjaarden in Tenerife kwamen, verscheen er een beeld van de Maagd van Candelaria bij het strand Güímar. Dat beeld werd door de

Guanches aanbedenen ze gaven het de naam Chaxiraxi. Ruim 120 jaar later, in 1526 werd het in een kapel geplaatst waartoe opdracht werd gegeven door Pedro Fernández de Lugo,

de tweede gouverneur van de Canarische eilanden.

Jaren later is de maagd van Candelaria is in 1599 door paus Clemens de 8ste tot patroon heilige van de Canarische eilanden verklaard.

Het feest ter ere van haar wordt op 15 augustus, met veel vertoon, deelname van verschillende folkloristische groepen en als Guanches verklede mannen gevierd in Candelaria.

Daar komt een groot aantal pelgrims van over het hele eiland hulde brengen aan hun beschermheilige. Velen brengen de nacht ervoor door op de wegen die naar de stad leiden.

Het echte beeld is er helaas niet meer omdat het in 1826 verdween in een overstroming. De kopie die u vandaag ziet is in 1827 gemaakt door Fernando Estévez, een lokale beeldhouwer.


16. Een majestueuze plant op Tenerife, de Tajinaste.

De Tajinaste is een meerjarige plant die een hoogte van zo´n drie meter kan bereiken. De plant behoort tot de soorten die vallen onder de verzamel naam Echium, Grieks voor slangekop. In België en Nederland kennen we een soortgenoot, het slangenkruid.

In botanische termen is de naam Echium wildpretii, de naam tajinaste komt van de Guanche taal en betekent "naald". Deze naalden staan soms met honderden tegelijk op de hellingen van de Cañadas. Die opeenhoping van tajinastes staat in het Spaans bekend als tajinastal.

 

Kenmerkend voor de tajinaste van Tenerife is de basisrozet, die een diameter van wel een meter kan bereiken en bestaat uit vrij rechte lancetvormige bladeren. De basisrozet staat stevig op de grond met een korte, onvertakte stengel, de bladeren zijn ongeveer 30 × 2 cm groot, aan beide kanten dicht bezet met relatief zachte haren en daardoor wit viltachtig ruw. Een enkele smalle, kegelvormige bloeiwijze die dicht is bedekt met talloze bloemen en kan bloeien van mei t/m augustus komt omhoog vanuit het midden van de rozet.

Afhankelijk van het type is de kleur van de bloemen rood of roze, ze worden uiteindelijk blauw. De brede trechtervormige bloemen zijn tussen de 10 en 14 mm lang. De vruchten zijn kleine nootjes die ruw aanvoelen.

Als achtergond informatie: De naam wildpretii komt van  Hermann Wildpret (1834-1908), voormalig verantwoordelijke voor de Jardín de Aclimatación de La Orotava, een botanische tuin in Puerto de la Cruz op Tenerife.


15. Even over de taal die je kunt fluiten.  Even naar Gomera.

We wijken een keertje uit naar La Gomera voor de taal die je kunt fluiten, de Silbo Gomero.

Het fluiten kent slechts 2 klinkers en 4 medeklinkers maar door de talloze variaties zijn er toch hele woorden of begrippen mee te fluiten. Het is uiteraard gebaseerd op het Spaans en de "Silbadores" vertalen de Spaanse medeklinkers en klinkers in fluittonen die kunnen variëren in toonhoogte, letters kunnen hoog of laag gefloten worden, in karakter: ze kunnen continu fluiten of ze kunnen even onderbreken én ze kunnen het ritme veranderen.

 

Om het te beoefenen nemen de fluiters een gebogen wijsvinger in de mondhoek en duwen de tong naar achteren. Met de andere hand vormen ze dan een soort luidspreker. Als ze dan de houding van de vingers veranderen ontstaan de verschillende fluittonen.
Gewoon even proberen tot dat het lukt.

De taal is ook praktisch van aard en je kunt het voor bijna alle onderwerpen gebruiken, om geboortes kenbaar te maken, om vragen te stellen, om op gevaar te wijzen of om hulp te roepen en natuurlijk om kennis over het weer uit te wisselen. De gefloten taal bestaat zeker niet uit "steekwoorden". Je kunt er volledige zinnen mee maken die voor iedereen die de fluittaal ook kent goed begrepen kan worden.

Maar bovenal is het fluiten handig voor de herders en boeren die over grote afstanden willen communiceren. Door dit fluiten kunnen de ‘silbadores’ van de ene naar de andere berg boodschappen over brengen over een afstand van zo´n 3 kilometer. Pratend kom je niet verder dan 10-tallen meters. Voor mensen in de bossen en de heuvels is fluiten dan heel handig.

Het is belangrijk om de taal te bewaren en de oudere inwoners van Gomera beheersen het silbo nog behoorlijk goed. Maar omdat het dreigde uit te sterven kan het nu op de scholen weer in het lespakket opgenomen worden.

Op die manier wordt dit stukje cultuur en een mooie traditie voor de eeuwigheid bewaard.


14. Zwemmen in natuurlijke zwembaden of een grot kan in El Tablado.

Het is een bijzondere belevenis om aldaar eens te gaan zwemmen en het is nog weinig bekend.

El Tablado ligt bij Guimar, tussen de luchthaven Zuid en Santa Cruz de Tenerife.

 

Het gebied is een rustig dorp met zijn eigen natuurlijke zwembaden, zeezwemterras de verborgen grot!

De grot kun je bereiken door er rechtstreeks vanuit de zee in te zwemmen of er vanaf de kant in te duiken. Maar zoals met alle natuurlijke zwembaden kunnen de zeecondities het zwemmen van de grot naar de zee gevaarlijk erg maken.

Vraag bij voorkeur eerst een ervaren bekende of een bewoner van het dorp om met je mee te gaan om veilig de grot en tunnel in en uit te gaan. Als je tegen de stroom in probeert te zwemmen, blijf je lang onder water.

Ga bij twijfel niet in de grot en bezoek in plaats daarvan het bijzondere natuurlijke zwembad!


13. Wonen wij  bij de helden en goden van de Grieken?

Ons eiland Tenerife is één van de eilanden die tot Macaronesië behoren. Die naam komt van de oude Grieken en betekent de gelukzalige eilanden maar niemand wist precies  waar die lagen. De Grieken dachten aan alle eilanden ten westen van Spanje en Afrika. Het waren legendarische eilanden in de Atlantische Oceaan, afwisselend behandeld als een eenvoudige geografische locatie maar ook als een winterloos aards paradijs bewoond door heroische Grieken.

 

Volgens de Griekse mythologie waren de gelukzalige eilanden gereserveerd voor degenen die ervoor hadden gekozen om driemaal te reïncarneren, en als ze er in slaagden om alle drie de keren als bijzonder zuiver genoeg te worden beoordeeld konden zij toegang te krijgen tot de Elysese velden die op de eilanden moetsen liggen en  de laatste rustplaats waren van de historische helden en goden van de Grieken.

 

De romein Quintus Sertorius, generaal in Spanje wist kennelijk meer dan een mythe want van zeelieden leerde hij feiten kennen die zo betoverend waren dat hij er zijn levensambitie van maakte om de eilanden te vinden en daar met pensioen te gaan.

Hij hoorde dat het eilanden waren waar de lucht nooit extreem was, die voor regen een beetje zilveren dauw had, die van zichzelf en zonder arbeid alle aangename vruchten droeg voor hun gelukkige bewoners, zodat het hem leek dat deze elanden niet anders konden zijn dan de Elysese velden waar hij na zijn pensionering zo naar verlangde.

Kijk en daar wonen wij nu, Temidden van die fantastische natuur.


12. Een klein stukje over de Blauwe Vink.

Deze unieke vogel   is door de regering van de Canarische eilanden tot het natuurlijke symbool van de eilanden benoemd. Het is inderdaad een vogel die elders niet in de natuur voorkomt maar wel nauwe verwant is van de ook in België en Nederland veel voorkomende vinken.

Het is een flinke vogel met een lengte van zo´n 17 cm. Het mannetje heeft van boven blauwgrijze tinten overgaand in een licht grijze onderzijde. De vleugels zijn van boven wat lichter blauw met donkere strepen. Het vrouwtje is aan de bovenkant donker grijsbruin en van onder lichter grijs met een wat contrasterend vleugelstreep.

Deze bijzondere vogel leeft in keine groepjes en is een omnivoor die leeft in de bossen tussen de Canarische den waarvan ze de zaden en de larfjes die zich in de schors bevinden eten. Maar soms vliegen de vogels wat verder en kunt u ze ook tegenkomen in de wat bosrijkere bewoonde gebieden rondom Villaflor, Arico en Aguamansa.

Ga maar eens in die bossen wandelen en luister naar de roep. Wellicht herkent u het onderstaande voorbeeld.


11. De mystieke laurierbossen.

Lopend door de overweldigende bossen bij Agua Garcia of in het Anaga gebergte kunt u terecht komen in de oeroude laurier bossen.  Die bomen zijn niet dezelfde als de algemene laurierbomen maar een ondersoort die in alleen in Macaronesië*   voorkomt.  Dit is de Laurus azorica, genoemd naar de Azoren.

 

Het bijzondere aan de lokale laurierbossen is de bonte samenstelling waaruit het bestaat. Naast de zeer onregelmatige gevormde bomen kun je in die bossen ook wilgen, korstmossen, (boom)heide, wilde sinaasappel.  varens en mocan,zien. (Mocan is inheems en lijkt op de bekende kamer ficus.)

Al deze soorten zijn zijn vochtminnend en de bijna altijd vochtige ondergrond van de bossen zorgt voor deze wisselende vegetatie.

Door de bossen lopen kleine paadjes en met enige regelmaat zijn er op de steile stukke trappen neergelegd die vaak honderden jaren oud zijn maar redelijk goed onderhouden worden.

Een bezoek aan zo´n bos heeft iets mistieks, zeker als u het treft en er op dat moment juist wat nevel is. De stilte is bijna zichtbaar. Het nodigt je uit om rustig en zacht te spreken in deze bijzondere bossen.

* Macaronesië is de benaming voor de oostelijke eilanden groepen in de Atlantische oceaan. Het omvat: de Azoren, Madera, de Canarische eilanden, Kaapverdië en Ilhas Selvagens. De laatste betreft een groepje onbewoonde mini eilanden die bij Portugal horen maar waar Spanje al heel lang aanspraak op maakt.


10. Altocumulus lenticularis of lenswolk.

U kent deze wolken wel want deze wolkensoort is op Tenerife vaak te zien als een "hoedje" bovenop de Teide.

Dat hoedje ontstaat door de beweging van lucht  onder invloed van heuvels of bergen.

Wanneer de wind met een flinke kracht tegen de berg blaast wordt de lucht gedwongen te stijgen. Aan de achterzijde van de berg daalt de lucht dan weer. Slechts in het middendeel

bevindt zich een condensatie zone en dat is het zichtbare deel van de luchtstroming. Immers daar is de lucht overgegaan in waterdamp zodat je het kunt zien.

Ook al verplaatst de lucht zich langs en over de berg, het condensatie deel blijft zich in dezelfde luchtlaag bevinden. Een lenswolk blijft daarom min of meer permanent boven dezelfde plaats hangen, terwijl de lucht gewoon verder stroomt.

Vorming van lenswolken kan ook duiden op snelle stromingen in de hogere luchtlagen of plotseling toename van de wind op een bepaalde hoogte. Deze wolken nemen veel vormen aan maar zien er vaak uit als ronde objecten met gladgepolijste randen. Niet vreemd dus dat ze al heel lang voor ufo´s worden aangezien.   Vooral in de schemering. 


9. De herontdekker van de Canarische eilanden, Lancelotto Malocello uit Genua.

De zeevaart op de Atlantische Oceaan was in de 14e eeuw nog steeds onbeduidend en was grotendeels beperkt tot kustvaart van de Middellandse Zee met Noord-Europa en terug. In de Nederlanden noemde men dat de vaart op de levant.

Het gebruik van het kompas en andere nautische apparaten maakte het in de 14e eeuw mogelijk om betrouwbaarder te navigeren en daarmee verder te kunnen reizen.

Zo kwam onze Genuees in 1336 bij de Canarische eilanden.

Economische historici gaan er tegenwoordig van uit dat die onderzoeksreizen naar de Canarische Eilanden niet in de eerste plaats bedoeld waren om handel met deze eilanden te bedrijven.

De bewoners van de eilanden boden handelaren immers alleen maar orceïne (een kleurstof), geitenvellen en slaven aan. De eilanden werden destijds gezien als vertrekpunt voor de ontwikkeling van de Afrikaanse kust en het achterland. Het fort, dat vermoedelijk door Lancelotto Malocello in het eerste helft van de 14e eeuw op Lanzarote was gebouwd, toont aan dat de handelaren van Genua van plan waren een permanente basis op de archipel te vestigen om van daaruit beter in Afrika te kunnen doordringen.

Zover is het echter toen (nog) niet gekomen. Eerst moest er nog een Franse invasie komen en daarna kwamen de Spanjaarden met een vloot langs. Mooie kleine stukjes geschiedenis.


8. Dat kleine gitaartje met 5 snaren heet een "timple".

De timple is een vijfsnarige muziekinstrument (soms slechts vier) en is typisch voor de Canarische Eilanden. Het is één van de instrumenten die zijn afgeleid van de klassieke barokgitaren en is ongeveer 60 cm lang. De klankkast is smal en de bodem is niet plat maar eerder bolvormig. Daarom wordt het instrument ook wel een "klankkameel" genoemd.

Sommige gitaarbouwers hebben gewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe technieken. Een van hen is Jesús Machín, die de constructie- en ontwerptechnieken van andere klassieke concertinstrumenten zoals de gitaar heeft toegepast om timples te maken met een betere geluidskwaliteit en comfortabelere uitvoering.

De geschiedenis en de oorsprong van de timple is niet duidelijk maar het instrument heeft verschillende Europese en Amerikaanse invloeden. Momenteel is het aanwezig op alle Canarische eilanden en vormt het een wezenlijk  onderdeel van de muziekale cultuur op de archipel, alhoewel het van oudsher een meer wijdverbreid gebruik heeft op Tenerife. In de oostelijke eilanden Gran Canaria, Fuerteventura en Lanzarote is het iets minder bekend en het is bijna onbekend op de eilanden El Hierro en La Gomera. Maar daar zijn de oudste muziekinstrumenten meer in zwang  zoals de fluit, de chácara en de trommel.


Mike Oldfield woonde een tijd in La Cuesta de La Villa. Uit bewondering voor de vulkaan componeerde hij het lied Mount Teide. Die vind u hier in twee uitvoeringen.


7. Het Observatorium op de Teide.

De Teide is één van de drie beste plekken om naar het universum te kijken. De bijzondere telescopen van het observatorium op de Teide zijn opgesteld op een hoogte van ongeveer 2400 meter boven het zeeniveau. Plek en hoogte maken het tot één va de meest geschikte plaatsen om naar de zon te kijken.
Wij zien vanuit alle hoeken van het eiland de witte gebouwen met veelal een ronde bovenkant staan als ze het felle zonlicht reflecteren.

Er is overal veel informatie over dit bijzondere complex op Tenerife te vinden.Maar het is ook goed te bezoeken. Er worden door het Astrofysisch Instituut van de Canarische Eilanden bezoeken aan het observatorium georganiseerd voor groepen. Er is een bezoekerscentrum ingericht in één van de koepels. Daar wordt uitgelegd hoe telescopen werken en wat het belang van de astronomie is.

Wellicht is het een goed idee om het complex eens met een aantal leden van HC El Teide te gaan bezoeken.


6. Een stukje geschiedenis over Tenerife in de klassieke oudheid.

In Griekse en Romeinse geschriften wordt al gesproken over wat nu Tenerife is. De grieken spraken over de “Elyzese velden”. Homerus schreef in de 9e eeuw v.C. daarover:

“Zoon van Zeus, u zult niet sterven en naar Argos vertrekken, het land van de paarden; uw toekomst ligt in de Elyzese velden, zonder te lijden van de sneeuw, de strenge winters en regen maar genietend van de eeuwigdurende frisse lentelucht”.

De Romeine noemden onze huidige woonomgeving “fortunatae insulae”, de gelukzalige eilanden en Romeinse schrijver Salust schreef over de eilanden:

“Het is bekend dat deze eilanden dicht bij elkaar liggen op een afstand van 2000km van Cadiz en dat er spontaan voedsel voor de mens groeit. 

Volgens de (Romeinse) filosofen liggen de Elyzese velden op de gelukzalige eilanden waarover Homerus in zijn werk verhaalde”.

We spreken nu over de eilanden van de eeuwige lente, maar wellicht is de oude naam over de gelukzaligheid wel net zo treffend. In elk geval zijn het mooie beschrijvingen.


5. Semana Santa

is een week van bijeenkomsten die in heel Spanje en dus ook op Tenerife gehouden worden. Dit jaar vinden ze plaats tussen tussen 5 en 12 april, de week voor Pasen, dat in Spanje Pascua genoemd wordt. Semana Santa betekent Heilige Week maar wordt vaak Goede Week genoemd. In die week zijn er in heel Spanje processies met wierook, melancholische muziek, bellen en tromgeroffel. Daarbij komen emoties die zelfs kunnen leiden tot huilende mensen in het publiek.

De Heilige of Goede Week begint op zondag met Domingo de Ramos (de dag dat Jezus Jeruzalem binnen liep) gevolgd door Lunes Santo op maandag en Martes Santo op dinsdag. Daarna komt woensdag Miércoles Santo, dan Jueves Santo en vrijdag Viernes Santo (Goede Vrijdag). Op zaterdag is er Sábado Santo tenslotte de Domingo de Resurrección op zondag.

Passietaferelen

Paso’s zijn de grote draagbaren waarop een Mariabeeld of een scène worden afgebeeld. De beelden zijn gemaakt van hout waarna zij worden voorzien van met goud geborduurde kostuums en andere kostbaarheden. Deze draagbaren worden gedragen door de leden van een broederschap, de costaleros.

Processies

De stille processies gaan via een eigen route en volgen in principe allemaal eenzelfde protocol. Als eerste komt het Cruz de Guia op, een houten kruis dat voorafgaat. Daarna volgen de broeders en zusters in hun bijzondere mantels met een kaars. De mensen die boete doen lopen blootsvoets en dragen de bekende punthoofddeksels. Hierna komen vaak kinderen die snoep uitdelen en daarna komen de gedragen zilveren kandelaars en wierookvaten. Vaak komt dan een muziekkapel gevolgd door nog meer boetelingen.

Het is een bijzonder spektakel om mee te maken en als u de gelegenheid hebt hebt moet u zeker eens zo´n processies gaan bekijken. Het hoort bij de lokale geschiedenis en cultuur.

O ja, als u het één keer bij de uitgang van een kerk hebt gezien weet u ook waarom die kerkdeuren zo hoog zijn. Als u geluk hebt kunt u ook zien dat ze soms meerdere keren nog hoger gemaakt zijn. Een kwestie van wie de grootste heeft.


4. Rijkste en armste gemeenten op de Canarische Eilanden

Kort geleden publiceerde de Fundación de Estudios de Economía Aplicada een lijst voor de Canarische Eilanden met gegevens over 2014.

Dat is dus al 6 jaar geleden en het zal in de toekomst wel erg veranderen, gezien de huidige economische situatie op onze eilanden en in heel Spanje. Maar voorlopig weten we nu nog niet meer als wat deze studie heeft opgeleverd.

In 2014 waren de rijkste gemeenten op Gran Canaria: Santa Brigada met € 27.575,60 en Las Palmas de Gran Canaria met € 20.853,89. En op Tenerife waren dit: El Rosario met € 23.320,56, Santa Cruz de Tenerife met € 20.862,94 en Tegueste met € 19.747,96.

Echter, de armste gemeenten kwamen het meest voor op Tenerife; één gemeente op Gran Canaria, nl. La Aldea de San Nicolás met € 10.109,30. Op Tenerife waren dit: San Juan de la Rambla met € 11.585,41; La Guancha met € 11.576,93; Icod de los Vinos met € 12.003,16 en Garachico met € 12.541,68.

Ter vergelijking met de rest van Spanje:

Madrid: € 28.550 ; Barcelona € 27.013 ; Valencia met € 21.557 ; Palma de Mallorca met € 21.411 ; Sevilla met € 21.117 en Zaragoza met € 20.971.


3. Een kleine geschiedenis van het carnaval in Santa Cruz.

Het huidige carnaval stoelt op oude culturele gebruiken.

Al voor 1900 waren er optochten en artistieke evenementen ontstaan waarbij "tapaderas" gebruikt werden. Dat waren fraaie maskers waardoor de dragers niet herkend werden. Al vroeg trokken de gemaskerde feesten bezoekers uit andere delen van het eiland en toeristen aan en al in 1925 werd het eerste programma voor een carnaval in Santa Cruz gemaakt.

In die dagen verschenen mede door die ontwikkeling de eerste carnavalsgroepen die niet alleen de traditionele maskers droegen maar verder gingen in de richting van het carnaval zoals we dat nu kennen. De comparsas en de murgas ontstonden in die tijd.

De eerste wedstrijden zorgden voor een kwalitieve impuls waardoor de dansen, de kostuums en de maskers steeds verfijnder werden. En zelf nu slagen de ontwerpers er nog steeds in om elk jaar gedurfde en nieuwe creatieve ontwerpen te leveren die vaak uitmunten in hun originaliteit.


2. Walvissen kijken op zee.

Spanje is een populair land, ook wat betreft het spotten van walvissen. Dat kan zowel in de Middellandse Zee als in de Atlantische Oceaan. Wel 30 soorten walvissen en potvissen zijn er langs de Spaanse kusten of iets verderop op zee te zien. B.v. langs de kusten van Galicië, Cantabrië en Baskenland, maar de meest ideale plek is echter de natuur bij de Canarische Eilanden.

Vooral bij Tenerife komen veel walvissen voor. Verschillende warme en koude waterstromen komen hier bij elkaar, waardoor een ideale omgeving geschapen wordt voor deze zeebewoners. Er zijn er die hier het hele jaar verblijven, maar ook zijn er “passanten”.

De tuimelaar, die we meestal kennen als de dolfijn komt hier veel voor. De grienden (zie foto) die erg veel lijken op kleine walvissen zijn er iets minder maar toch nog heel vaak te zien.

Een ideale gelegenheid dus om een excursie te maken, waarbij het best mogelijk is dat dolfijnen met de boot meezwemmen en als je geluk hebt, er ook reuzeinktvissen te zien zijn.


1. Gaat de trein ècht rijden op Tenerife?

Als het aan de eilandsregering ligt, komt die trein er echt.

De regeringen van Tenerife en Gran Canaria hebben in het Spaanse parlement hun plannen verdedigd. Volgens hen moeten de plannen uitvoerbaar zijn ondanks de enorm hoge kosten.

Tenerife heeft de plannen klaar voor een treinverbinding van zuid naar noord, wat de overvolle autopista´s zal moeten gaan ontlasten; dit gaat 2,2 miljard kosten. De lengte van het traject is 80 km en er zijn 7 haltes geplanned. De reistijd zou 45 minuten zijn en dagelijks zouden er 67.000 mensen gebruik van kunnen maken.

Het plan van Gran Canaria is heel ambiteus. Er wordt een ondergronds traject aangelegd van de hoofdstad Las Palmas naar de luchthaven en er zal gebruik gemaakt worden van groene energie. Een duur plan; het gaat 1,6 miljard kosten, maar volgens de onderzoekers is het de enige mogelijkheid om het vervoersprobleem van het eiland op te lossen.

Of deze plannen goedgekeurd gaan worden is nog niet bekend; we wachten af ..........