Weetjes, tips en bijzondere informatie over Tenerife bekijken?.

Lees tips en informatie over Tenerife, weetjes over de natuur, de bossen, de bergen, de cultuur en de geschiedenis.

Heeft u ook een bijdrage voor deze pagina?


37. Antigua embarcadero in Garachico.

Als u van het centrum van Garachico naar de kleine haven gaat staan rechts 3 oude loodsen. Erachter staan de resten van een beton met staal constructie. Dit is de voormalige laad en los kraan voor fruit van de Cooperativa Agrícola Norte de Tenerife in Garachico.

Het fruit uit de omgeving van Garachico kon alleen vanaf Santa Cruz internationaal worden verkocht. De wegen naar Santa Cruz waren echter zo slecht dat vervoer per boot voor de hand lag. Om die reden maakte de coöperatie in 1920 dit platform boven de zee. Om te laden moesten de schepen de rotsen bij de installatie zeer dicht naderen en dat veroorzaakte lange wachtijden omdat de eigenaren van de boten de krachten van de oceaan beter kenden dan de fruittelers.

Zodra de wegen ook maar enigszind verbeterden raakte het platform alweer in onbruik met de huidige situatie als resultaat. Het hele complex of wat er nog van over is staat nu op een lijst met industrieel erfgoed maar er is geen enkel plan om deze "embarcadero" te restaureren.

Een korte gefilmde opname van deze laad- en los installatie kunt u zien op video 96 pagina 8 op 41 minuten en 20 sec.


36. Het Agatha Christie Festival.

In november van elk oneven jaar wordt deze beroemde schrijfster en tijdelijke bewoonster met een eigen festival in Puerto de la Cruz herdacht.

In 1927 arriveerde de schrijfster Agatha Christie in Puerto de la Cruz, om haar moeilijke scheiding, de dood van haar moeder en de pers van haar land te vergeten. The Lady of Mystery logeerde in het toenmalige Taoro Hotel, waar ze de inspiratie vond om 'The Man from the Sea' te schrijven.
Gedurende het festival zijn er verschillende tentoonstellingen over de de relatie tussen Puerto de la Cruz en Agatha Christie. Er zijn routes, conferenties, film, muziek en andere activiteiten over de tijd dat Agatha Cristie in Puerto de la Cruz verbleef.

Een blijvende herdenking aan haar vormen de traptreden van de Calle San Amaro waarvan elke trede de titel van één van haar boeken bevat.


36. De TF-21, wordt gezien als één van de mooiste wegen van Spanje.

De weg van La Orotava naar Granadilla de Abona, de TF-21, wordt gezien als één van de mooiste wegen van Spanje en voert u langs een grote verscheidenheid aan landschappen. Het deel van Granadilla naar de Cañadas is een overwegend verlaten landbouw gebied met op grotere hoogte frisse open bossen die langzaam dunner worden totdat u zich plotseling bij de mirador Juan Evora op de Llano de Ucanca vlakte bevindt.

Daar begint de Cañadas, het gebied ten zuiden en oosten van de Teide waar de TF-21 doorheen loopt. Langs deze weg ziet u spectaculaire rots- en bergformaties en bijzondere uitzichtpunten,

Er zijn diverse parkeerterreinen waar u de meest bijzondere delen van het gebied verder kunt ontdekken. Zwarte lava velden van kilometers lang ziet u al snel. Er zijn maanlandschappen te vinden, enorme zandverstuivingen temidden van lichtgroene rotsen, er zijn wandelingen naar berghellingen vol met tajinastes en rotsparijen waartussen u zeldzame planten kunt ontdekken die alleen in de flora van Tenerife voorkomen. Het gebied heeft zoveel te bieden en is zo uitgestrekt dat u telkens weer nieuwe en spectaculaire bezienswaardigheden kunt ontdekken. U komt vlak langs de Teide en de lift naar de Teide toe. De talloze bochten verrassen steeds opnieuw totdat u bij El Portillo komt, een driesprong waar u richting La Orotava of La Laguna kunt gaan. 

De TF-21 richting La Orotava geeft u bijzondere uitzichten op het noorden van Tenerife en gaat door door dichte bossen en op het einde door fris-groene landbouw gebieden naar La Orotava. De weg naar La Laguna is de TF-24,  loopt door dichte bossen over de bergrug van het eiland en heeft spectaculaire uitzichten naar de noord- en zuidkant van Tenerife.


35. Het zonne-observatorium op de Teide.

Op 2400 meter hoogte en op de flanken van de Cañadas is vanaf grote delen van Tenerife het Teide observatorium te zien, ook wel bekend als het Izaña observatorium. Dat geheel van witte gebouwen met koepels behoort tot het Instituto de Astrofísica de Canarias (IAC) en vormt samen met het Roque de Los Muchachos observatorium het observatiecomplex van het Noord-Europese observatorium.

De observatoria zijn opgericht in 1959 en in 1964 kwam de eerste telescoop ten behoeve van de Universiteit van La Laguna.

in 1975 met de oprichting van de IAC werd het afhankelijk van deze organisatie en werkt sinds1979 samen met een aantal andere landen. In 1985 vond de officiële inhuldiging van de IAC-faciliteiten plaats, waaronder het Observatorium de Teide. In die jaren en later werden verschillende telescopen uit verschillende landen geïnstalleerd, zoals de IAC-80 (1991), de eerste telescoop die volledig in Spanje werd ontwikkeld en vervaardigd in de IAC-laboratoria in La Laguna. Op de bergflanken van het Izaña gebergte staan inmiddels een 11-tal telescopen die door 7 landen gebouwd zijn en bemand worden. Zie wikipedia voor verdere informatie.

Het observatorium wordt voornamelijk gebruikt voor het bestuderen van de zon en dan met name de zonnevlekken en zonnewinden, hoewel het ook wel een andere toepassingen heeft gekregen. In kringen van de astronomische gemeenschap wordt het Teide complex op Tenerife als een van de belangrijkste observatoria beschouwd.


34. De karetschildpad.

Als u op een boottocht rond de wateren van Tenerife het geluk heeft om een zeeschildpad te zien is het vaak de mooi getekende karetschildpad.

Deze schildpad heeft een schildlengte dat ongeveer 90 centimeter lang en is ongevaar 70 kilo zwaar. Dat is middelgroot voor een zeeschildpad. U kunt dit dier herkennen aan de overlappende schilden, de tandachtige uitsteeksels aan de achterzijde van het schild, sterke voor- en achterpoten in een duidelijke flipper vorm en een kenmerkende snavel-achtige bek. Zeker op zijn poten zijn duidelijke panter achtige patronen te zien.

De wetenschappelijke naam is Eretmochelys imbricata.  Het menu van de karetschildpad bestaat in hoofdzaak uit sponsdieren. Rondom de evenaar is hij wereldwijd te vinden langs rotskusten en ondiep water. Ze vermijden de open zee maar komen nooit aan land behalve als het volwassen vrouwelijke dier eieren af wil zetten. Een legsel bestaat regelmatig uit ruim honderd eieren. 

Na het uitkomen moeten de kleine schildpadjes over land naar de zee terwijl de vogels al op ze wachten. Eenmaal in zee zullen ze nog talloze gevaren tegenkomen en zodoende overleeft slechts een relatief klein gedeelte van de jongen om uiteindelijke uit te groeien tot een volwassen schildpad. Op Tenerife zijn een aantal stranden waar je niet zo makkelijk komt en juist daar legt deze schildpad graag haar eieren.


33. Op Aswoensdag is de begravenis van de Sardine.

Dit is een traditie die diep geworteld is in het carnaval van Tenerife en het wordt gevierd op aswoensdag. Het symboliseert het het einde van Don Carnal en de komst van Doña Cuaresma. De begrafenis van de Sardine op Tenerife is misschien wel de grappigste en meest oneerbiedige gebeurtenis van het carnaval op Tenerife en toont talloze gelovigen die elk jaar in een groteske showoptocht huilen en zelfs flauwvallen vanwege het aanstaande verlies van hun geliefde sardine.
Volgens velen is het het beste carnavalsfeest in Santa Cruz vanwege het grensoverschrijdend karakter en omdat iedereen mag deelnemen aan de begrafenisstoet zolang ze zich gepast (of niet) kleden om afscheid te nemen van de zo geliefde sardine. 

Bij deze gelegenheid zullen de onbrandbare Pepe Benavente en Morocho de huilende weduwen vergezellen op hun reis door de straten van Santa Cruz. Het is een hele bijzondere belevenis die zich lastig laat omschrijven maar die u nooit meer zult vergeten. Houdt u er vast rekening mee dat het altijd veel langer duurt dan aangekondigd en dat het tot wel 3 uur in de nacht kan duren voordat de enorme sardine uiteindelijk brandend te onder gaat.


32 . De legende over het eiland San Borondón.

Deze legende gaat erover dat een eiland ten westen van de Canarische eilanden al eeuwenlang verschijnt en verdwijnt. Het verhaalt over de reis van  de ierse monnik Brandán de Clonfert die in het jaar 516 met een paar andere monniken in een bootje op zoek ging teneinde het aardse paradijs te vinden.

Na een lange reis landde hij in een zee vol eilanden; De identiteit van deze eilanden en met name het mythische eiland Saint Brandán is onderwerp van controverse en er wordt beweerd dat het wellicht om Newfoundland, IJsland of de Faeröer eilanden ging. In de middeleeuwen suggereerde men eilanden in de Caribische Zee of de Canarische Eilanden. 

Op de Canarische Eilanden werd de legende enthousiast overgenomen en werd zelfs de naam aangepast aan de lokale voorkeuren. Vanwege de vreemde kenmerken en gedrag, zoals het verschijnen en verdwijnen of zich verschuilen achter een dikke laag mist of wolken, wordt het "de ontoegankelijke", "de bedekte", "de verlorenen" genoemd. Het eiland staat hier bekend als "Isla San Borondón" sinds het werd opgenomen door de middeleeuwse cartografen .
Het Verdrag van Alcáçovas uit 1479 was het verdelings verdrag tussen Spanje en Portugal om de nog te bevaren Atlantische Oceaan territoriaal te verdelen specificeerde duidelijk dat San Borondón behoorde tot de Canarische Archipel. 

De baai Samborondón ( provincie Buenos Aires , Argentinië ) werd zo genoemd tijdens de expeditie van Magallanes in maart 1520 , in de overtuiging dat deze was gevormd door het detachement van het eiland San Borondón.

Het eiland is echter nog steeds niet aangetroffen maar was het nu wel of niet het aardse paradijs? De grieken dachten van wel. zie weetje 13 hieronder.


31. De paraboolreflector bij El Medano.

Niet zo heel vaak krijgen we een vraag van een lid om iets meer te duiden  over een gebouw , object of een situatie. Na de vraag over de gekleurde duiven (weetje 20 hieronder) kwam nu de vraag wat het verhaal is achter de resten van een spiegel telescoop bij El Medano.

In het natuurreservaat Montaña Pelada staat deze enorme parabolische reflector. Die staat daar omdat in er in 2007 een plan was om met zo´n spiegel een ​​thermische zonne-energiecentrale te bouwen. Door de bundeling van opgevangen zonnestralen naar één punt in een toren kon in het brandpunt een temperatuur van 5000 ° C bereikt worden. De bedoeling was om meerdere van zulke systemen te bouwen.

Met dergelijke temperauren zou op verschillende wijze energie opgewekt kunnen worden. Het idee was een volledig onafhankelijke energievoorziening voor het eiland via zonne-energie, waarvoor naar schatting 20 miljard euro nodig zou zijn geweest.

Zonder de volledige financiering of vergunningen af te wachten werd er in 2009 met de bouw in het natuurreservaat begonnen door het bedrijf Lysply S.A. Uiteindelijk bleken de financiele en juridische  obstakels om het af te maken te groot en werd de bouw na een aantal procedures stopgezet. 

Daarna voelde niemand zich meer verantwoordelijk voor het systeem en dus is het sindsdien aan het roesten en langzaamaan uit elkaar aan het vallen. Kennelijk voelt niets en niemand zich nog verantwoordelijk voor het object en de omgeving..


30. De traditionele balkons van Tenerife.

Een opvallend element in de architectuur op Tenerife zijn de traditionele balkons van gesneden hout. Het bijzondere aan de Canarische balkons is dat ze aan de buitenzijde als gallerijen zijn uitgevoerd op de bovenste etage. Dat laatste maakt ze uniek in de architectuur.

De stijl van deze balkons eenvoudig en niet goed te benoemen. waarschijnlijk gaat het om een eigen  lokale invulling van het type balkons dat in Portugal en zuid-west Spanje voorkwam. Een algemeen kenmerk is dat de onderste helft van de borstwering met een paneeltje gesloten is en dat het balkon daarboven kleine spijltjes heeft tot aan de met een onderrand versierde leuning.

De   onderkanten van de daken en de vloeren van de balkons kunnen uitbundig met samengestelde balken en liggers samengesteld zijn wat het decoratieve effect nog verder versterkt. Op de binnenplaatsen van de grootste huizen zijn in dezelfde stijl vaak gaanderijen over alle verdiepingen aangebracht. 

Op Tenerife zijn  in La Laguna en Orotava verreweg de meeste bewaarde huizen met deze balkons te bekijken.  Helaas zijn er niet veel van binnen te bekijken maar in La Orotava zijn  er verschilende die u kunt bewonderen.

De vele soortgelijke balkons die Spanje kende zijn in de tweede helft van de 16e eeuw op last van koning Filips de tweede verboden en degene die er al waren moesten worden gesloopt om de regelamtig voorkomende opstanden in de smalle straten eenvoudiger te kunnen bedwingen. Na de annexatie van Portugal door dezelfde Filips de tweede ondergingen de Portugese balkons hetzelfde lot. De Canarische eilanden bleef dit lot bespaard.  (In Nederland en België kennen we deze Filips de tweede goed vanwege de plunderingen en erger waaraan zijn vriendje Alva zich in die contreien schuldig gemaakt heeft).


29. De overblijfselen van de oude haven.

In het toch al bezienswaardige Garachico ligt Plaza de Abajo of Plaza de Las Lonjas, dat nu bekend staat als Plaza Juan González de la Torre. Dit was het belangrijkste plein van de stad in haar glorietijd, en het plein getuigde van talloze handelsactiviteiten  en transacties, en de vismarkt  was er gehuisvest. Na de uitbarsting nam het belang van Garachico als organisatorisch knooppunt en sociale ontmoetingsplaats af.

Van de haven, de pleinen en de huizen  is niet veel meer te zien maar het kleine stukje dat ervan over is spreek wel tot de verbeelding over wat er hier gebeurd is. 

Op dit plein ligt namelijk een klein maar mooi park waar de zogenaamde Puerta de Tierra ligt, die poort is een overgebleven en gedeeltelijk gereconstrueerd deel van de poort die stad en haven verbond voor de verwoesting die de vulkaan uitbarsting aanrichte. Door die poort kwamen de mensen en goederen de stad binnen of gingen er door naar buiten.

De beleving op die plek is merkwaardig omdat het gevoelsmatig te diep in de grond zit maar in zijn tijd lag het maar iets boven zee niveau. De hogere delen tussen het park en de huidige zee zijn de lavastromen die de haven hebben verwoest.

Garachico was in de 16e en 17e eeuw de belangrijkste havenstad van Tenerife. Maar de uitbarsting van de Trebejo-vulkaan in 1706 leidde tot de verwoesting van de haven toen die vrijwel geheel onder lava werd bedolven.


28. De Calima op Tenerife.

Verstoringen in de atmosfeer zoals bij complexen van grote onweersbuien boven Noord-Afrika leiden periodiek tot enorme stof- en zandstormen, die zich kunnen uitstrekken tot wel 6.000 meter hoog.

Deze laag wordt naar het westen getransporteerd en steekt de Atlantische Oceaan over door een reeks brede anticyclonische draaikolken die vrijwel altijd 1.500–4.500 meter boven zeeniveau worden aangetroffen. Geschat wordt dat bij elke calima zo´n 50-200 miljoen ton stofdeeltjes worden verplaatst vanuit de Sahara-woestijn in Noord-Afrika, waar het vandaan komt, en trekt jaarlijks westwaarts.

Op Tenerife is de calima te zien als een mist die het zicht vermindert en een laag stof over alles heen legt. Het komt vooral in de wintermaanden voor. Veel bewoners hebben ademhalingsproblemen tijdens zo´n weergebeurtenis, en soms is het stof zo erg dat het openbare leven en het transport volledig tot stilstand komen. Op 8 januari 2002 was er zoveel zand boven de luchthaven Tenerife Zuid, dat het zicht tot 50 meter daalde, waardoor het moest sluiten.

Een bijzondere eigenschap van de calima is dat wanneer het stof aan land gekomen is de luchtlagen op grotere hoogte warmer zijn dan op zee niveau. Een uitleg van de preciese werking daarvan staat de beperkte ruimte hier helaas niet toe.  Overigens bevat een calima nogal wat nuttige stoffen zoals: kwarts, veldspaat, calciet, gips en klei.


27. Mojo, de beroemde saus van Tenerife. 

Mojo is de typische Canarische saus waarmee veel gerechten uit de keuken van Tenerife op smaak worden gebracht. Het is geen product met een eenduidig recept. Er zijn lokale verschillen en duidelijke privé voorkeuren bij de bewoners.

 

De oorsprong is niet duidelijk, maar er is een Portugees woord waar de naam vandaan kan komen: molho = saus. Maar mojo heeft ook kenmerken die verband kunnen houden met sommige Mexicaanse, Argentijnse of Venezolaanse producten. De meeste historici gaan ervan uit dat de Postugese lezing het meest waarschijnlijk is. 

Mojo wordt gemaakt met enkele basisproducten (olie, azijn, knoflook en grof zout) en andere ingrediënten (zoete paprika, hete paprika, quindilla's, komijn, koriander) die het de eigen smaak en kleur voor elk type mojo geven. Tussen de grote verscheidenheid aan soorten mojo's zijn de bekendste de mojo picón (rood, voor vlees) en koriander mojo (groen, voor vis). Mar ook deze twee hebben allemaal hun eigen karakter met hun eigen specifieke ingredienten, 

Wat minder traditioneel zijn amandel mojo, kaasmojo (gezouten), geroosterde tomatenmojo,  groene peper mojo, ei mojo, avocado-mojo.,en gebraden mojo, deze mojo wordt meestal bij gerechten opgediend die met vlees zijn gemaakt.


26. Per Adriano, wat betekent dat beeld?

Een gigantisch vrouwengezicht van brons domineert het Plaza de Madeira in Santa Cruz. Het beeld staat voor het theater Guimerá en heet "Per Adriano", ofwel "voor Adriaan".  Het werd in 1993 gemaakt door Igor Mitoraj, een bekende Poolse beeldhouwer.

Dit beeldhouwwerk was een onderdeel van de "International Street Sculpture Exhibition", een cultureel evenement dat plaatsvond in Santa Cruz de Tenerife tussen december 1973 en januari 1974. De gedachte achter deze manefestatie was om een ​​tentoonstelling te maken voor het plezier van mensen buiten de museumruimten en te breken met de bekende beelden cultuur die alleen uit stukken bestond die een herdenking verbeelden.

Aan het einde van de tentoonstelling bleven negenentwintig van de gemaakte beeldhouwwerken in Santa Cruz. 
De sculpturen die nu nog in de stad aanwezig zijn, vormen een open museum van grote waarde. In 1994 werd de tweede International Street Sculpture Exhibition gehouden, die wat bescheidener was dan de eerste maar desondanks een aantal nieuwe werken aan de stad toevoegde.

Deze exposities verklaren dus waarom er zoveel sculpturen in de straten van Santa Cruz te zien zijn, Niet alleen van deze tentoonstelling maar ook van de tentoonstelling in de jaren daarna. Er is mij geen georganiseerde route langs deze beelden bekend.


25. De wijn werd koel gehouden met ijs uit de ijsgrot op de Teide.

Op de zuid-oostelijke flank van de Teide is op 3350 meter hoogte de "Cueva del Hielo" te vinden. Uit die grot betrokken de bewoners van de herenhuizen hun ijs om bederfelijke waar en natuurlijk om de wijnen te koelen. 

Via een lang ezelspoor kon men de ingang van de ijsgrot bereiken. Vandaar reikte een trap tot een diepte van 12 meter naar beneden. Pas op dat moment is de grot te zien. Bijna 50 meter lang, 15 meter breed en 89 meter hoog. In de ijsgrot waren waarschijnlijk houten steigers om overal  ijs te kunnen verzamelen.

Na de "oogst" van de ijsblokken werden ze vervoerd met muilezels die elk twee ladingen van ongeveer 40 kg sneeuw droegen. De blokken waren bekleed met naalden, stro, varens, zakken of dekens. Het transport werd 's nachts uitgevoerd, om het risico op ontdooien van de blokken te verkleinen. Bij de verdeelpunten aangekomen werden de blokken verkocht  om daarmee de ijskasten van de grotere huizen koel te kunnen houden. Bovenin zo´n kast werden de blokken gelegd die langzaam koud smeltwater naar beneden lieten druppelen. Het ijs kon ook afkomstig zijn uit "Pozos de Nieve", speciaal gemaakte sneeuw putten die eveneens op de Teide voorkwamen.

Tegenwoordig is de ijsgrot een geliefde bestemming voor wandelaars die de meest bijzondere natuurfenomenen van Tenerife willen kennen.


24. De oudste universiteit van Tenerife.

Het Instituto Canarias Cabrera Pinto is een openbaar educatief centrum in San Cristóbal de La Laguna. Het werd opgericht bij koninklijk besluit op 21 augustus 1846 en is voortgekomen uit de toenmalige Literaire Universiteit San Fernando, die in 1845 opgeheven is. Het is de  eerste Universiteit van de Canarische Eilanden (hoewel er geen hoger onderwijs mer gegeven wordt) en oudste actieve hoger onderwijs instituut op de hele Canarische Eilanden. Decennialang was het centrum van groot belang voor de culturalisering van de eilanden en de verbinding met het vaste land van Spanje. Het bevatte de eerste bibliotheek en het eerste meteorologische station in de archipel.

Het instituut is gevestigd in twee oude kloosters, de binnenhof bij de hoofdingang is waarschijnlijk de mooiste van Tenerife met een enorme plantenrijkdom  en hoge palmen is het een groene en vochtige oase in de stad.  De tuin in de binnenhof is gratis te bezoeken.


23. Waar komt de naam "Barraquito" vandaan?

Er zijn verschillende verhalen over de oorsprong van deze populaire Canarische koffiedrank, de beroemde "Barraquito". Het meest voorkomende verhaal over de oorsprong van het woord barraquito begint met Barraco , de bijnaam van de heer Sebastian Rubio die halverwege de vorige eeuw de Imperial Bar in Santa Cruz binnenliep en de ober vroeg deze koffie voor hem te serveren.

De klant was zo tevreden dat hij vanaf nu elke dag de bar binnenkwam en zodra hij door de deur stapte, werd deze speciale "cortado" voor hem klaargemaakt. In die tijd noemde de man zijn speciale Cortado "Barraco", die na verloop van tijd "Barraquito" werd.

 

Tegenwoordig zijn de Canarische Eilanden niet meer weg te denken zonder de barraquito. Het wordt echter het meest geconsumeerd op Tenerife en is de koning van de Canarische koffiesoorten.

Veel Canarios zijn verbaasd als ze op het Spaanse vasteland tevergeefs een barraquito bestellen.  Buiten de Canarische Eilanden is koffie bijna onbekend, hoewel het heel gemakkelijk te maken is.


Maak deze koningin van de koffie zelf. Barraquito staat ook als recept nr. 3 op de recepten pagina.


22. Tuinen van de Marquesado de la Quinta Roja in Orotava.

Deze prachtige tuinen worden ook wel de tuinen van Victoria genoemd. De tuinen zijn gebouwd op een voormalige fruitboerderij in opdracht van Sebastiana del Castillo, de markgravin van Quinta Roja, 

Haar zoon Diego Ponte del Castillo overleed in april 1880 maar vanwege zijn lidmaatschap van de vrijmetselarij mocht hij van de kerk niet op de familiebegraafplaats worden begraven, maar moest hij in het deel voor niet-katholieken begraven worden. De markgravin voelde zich hier zo door beledigd en vernederd dat zij besloot een eigen mausoleum voor haar zoon te bouwen. Uiteindelijk ging de bischop toch akkoord met een begravenis in het familiegraf waardoor het speciaal gebouwde mausoleum nooit gebruikt werd.

Het is blijven bestaan als een monument tegen religieuze onverdraagzaamheid. Het is destijds ontworpen door Adolph Coquet en gemaakt van een lokale natuursteensoort. Een gedeelte van de plattegrond van de tuinen is gebaseerd op een symboliek die kenmerkend voor de vrijmetselarij is.

Over de titel Marquesado, markgravin of markiezin bestaat twijfel. Immers, er heeft zich op Tenerife nooit een landsheerlijkheid bevonden waaraan een dergelijke titel verbonden zou kunnen zijn.  Waar de titel dan wel vandaan komt is niet bekend. De familie was wel een belangrijke grootgrondbezitter.


21. De geschiedenis van de Vlag van Tenerife.

De vlag van Tenerife vindt zijn oorsprong in een koninklijk besluit van 30 juli 1845 toen alle Spaanse landsdelen een eigen code met bijbehorende vlag kregen.

De codering was in 1791 willekeurig door José de Mazarredo, luitenant-generaal van de marine, vastgesteld op basis van de toen internationaal gebruikte maritieme signalen.

Voor de Canarische Eilanden koos hij de letter M, en dus de blauwe vlag met een wit andreaskruis.

De kwintessens voor het gebruiken van die maritime vlaggen was de benodigde herkenbaarheid op zee en bij de benadering van havens. De schepen moesten hun gebiedsvlag daartoe net onder de nationale vlag in top hijsen. Veel later werd deze vlag erkend als de vlag van het eiland bij decreet van de regering van de Canarische Eilanden op 9 mei 1989.

 

De bijna gelijke Schotse vlag is gebaseerd op de Legende van Angus II en Sint Andreas. De gelijkenis met de Schotse vlag is dus toeval.


20. Een paradijs voor de Barbarijnse patrijs.

De Barbarijse patrijs (Alectoris barbara) is een soort binnen de fazantachtigen (Phasianidae) die op Tenerife regelmatig te zien is. Ze komen zelfs in begroeide woonwijken voor waar ze soms op muurtjes te zien zijn. Het is een forse vogel van ongeveer 35 cm lang.

 

Ze komen voor op landbouwgronden, berghellingen, tussen struiken en in dunne dennenbossen.

Ze leven, net zoals veel meer fazantachtigen, hoofdzakelijk op de grond en kunnen slechts beperkt vliegen. Ze eten vruchten, bessen, gras, granen en insecten die ze gravend tegenkomen. Uw moestuin is voor de Barbarijnse patrijs een waar paradijs.

Deze prachtige patrijs komt oorspronkelijk uit Noord-Afrika, tussen het kustgebied en het Atlasgebergte maar is ingevoerd op Sardinië, Gibraltar, op Madeira en uiteraard op de Canarische Eilanden,

Hun nest maken ze op de grond van veren en bladeren, waarin ze tien tot vijftien eieren leggen die ze vijfentwintig dagen bebroeden. Kort na het uitkomen van de jongen kunnen ze al lopen en binnen tien dagen kunnen ze vliegen.


29. De schaduw van de Teide.

De Teide laat met z´n ruim 3700 meter hoogte en zo dicht bij zee in de avond en ochtend een verrassende schaduw zien.

De hoogte, de steile hellingen en z´n bijna volmaakte kegelvorm zorgen voor een ongeevenaarde schaduw die op de zee goed te zien is.

Natuurlijk, op talloze andere plaatsen op de wereld zijn de schaduwen van hoge bergen te zien maar nooit zo dicht bij zee en dus nergens met zo´n mooi afgetekend beeld.

Op enkele dagen in het jaar is de opkomende maan boven de wolken te zien terwijl de ondergaande zon in een rood-oranje gloed ondergaat.  Qua omvang moet dit één van de grootste shows ter wereld zijn.


28. Het Alameda del Duque de Santa Elena,

Dit kleine monument staat op de noordelijke uitloper van het Plaza de España in Santa Cruz. Het is het enige overgebleven deel van de oorspronkelijke Alameda. Een alameda is een omsloten laan tussen pupulieren. Een populier heet alameda in het spaans maar een alameda kan ook andere bomen bevatten. Vaak, en hier ook, waren er beeldhouwerken en andere versieringen in en rond de alameda of op de muren er omheen.

 

"Ons" alameda werd in 1787 bedacht door de commandant van Tenerife, markies de Branciforte. Het was bedoeld om te gebruiken voor een verkoelende wandeling maar het had ook een goed uitzicht op de haven zodat men vanuit de schaduw van de bomen de aankomende rezigers op de pier kon zien aankomen.

Het geheel was nog geen 70 meter lang en stond bekend als Alameda del Muelle of Alameda de la Marina en zelfs als Los Paragüitas, omdat er tegen de zon een aantal parasols waren opgesteld.
Er stonden hoofdzakelijk tamarindebomen met een onderbegroeing van bananen. Als ornamenten waren er een beeldengroep en een fontijn van wit marmer.

Iets heel anders, het familie huis van de markies de Branciforte, het Palazzo de Branciforte heeft nu wereldwijde vermaardheid vanwege het bewaarde interieur voor haar rol als pandhuis. Het is zeldzaam dat een dergelijk instituut binnen een landsheerlijkheid de tand des tijds heeft doorstaan.


27. De Romerías op Tenerife

Op de Canarische Eilanden en dus ook op Tenerife zijn traditionele romerías vrolijke en populaire evenementen. De meeste dorpen proberen uit te blinken met de bijzonderheden van hun gebied. Letterlijk betekent het woord romería processie of bedevaart.

De romería die als oudste van de Canarische eilanden wordt beschouwd is de romería in Güímar die gevierd wordt ter ere van de Virgen del Socorro. De bedevaart van San Benito Abad in San Cristóbal de La Laguna is meest representatieve bedevaart op de Canarische Eilanden, omdat daar groepen zijn die van alle Canarische eilanden komen. Om die reden wordt die romería ook wel gezien als één van de belangrijkste van Spanje.

Andere befaamde romerías op Tenerife zijn die van San Isidro te La Orotava, de Romería ter ere van de Maagd van Candelaria en de romería van Tegueste ter ere van San Marcos.  Maar daarnaast heeft vrijwel elke andere stad of dorp zijn eigen romería waarbij het er net zo uitbundig aan toegaat. Ossenkarren, ezels, geiten en muziek met gitaren, trommels en blaasinstrumenten zorgen voor een levendige sfeer terwijl intussen allerlei (zoete) lekkernijen over de hoofden van het publiek worden uitgestrooid.

Op de Canarische Eilanden zijn de romerías elk jaar het belangrijkste festival in elk dorp of elke stad. Mensen kleden zich meestal in traditionele Canarische kleding, die van gebied tot gebied verschillend is. Het zijn festivals waar het zijn van een Canariër tot uitdrukking gebracht wordt en waarbij de gelegenheid genomen wordt om de typische Canairsche  producten te proeven.


26. Gekko´s en Vanderwaalskrachten.

U kent ze zeker want op Tenerife kunnen we in de avond en nacht veel gekko´s waarnemen. Leuke beestjes die u kunt zien rennen en plakken  op uw terras en in uw huis maar ze zitten  ook op uw glas of uw plafond.

Hoe kan het dat een gekko zich zo makkelijk over glas en aan plafonds kan bewegen? Dat vroegen mensen zich al duizenden jaren af. Het is geen kleefstof en het zijn ook geen mini-grijpertjes, Maar wat dan?
Sinds een jaar of 10 is het raadsel opgelost.
Gekko´s kunnen overal aan hechten omdat ze gebruik maken van hele zwakke elektromagnetische krachten die moleculen bij elkaar houden. Die krachten worden de  vaderwaalskrachten, genoemd naar de nederlandse nobelprijswinnaar Van der Waals die ze ontdekte.

Elk materiaal bestaat uit moleculen, dat zijn de mocroscopisch kleine deeltjes waaruit een stof bestaat en die moleculen die worden bij elkaar gehouden met deze krachten. Dat werkt met hele zwakke elektromagnetische velden en de gekko maakt daar gebruik van. Daartoe zitten zijn tenen vol met hele fijne haartjes die zich uitsplitsen in nog fijnere draadjes. Daar heeft elk beestje er meer dan een miljard per pootje van. En die laatste draadjes zijn zo fijn dat ze op moleculair nivo met een ander materiaal in vast contact kunnen blijven door gebruik te maken van die elektromagnetische vanderwaals krachten.

Het staat nog eens heel mooi uitgelegd op de video.

Overigens, gekko´s kunt u vaak gewoon aaien. Als u het voorzichtig aanpakt zullen ze meestal niet weglopen.

Klik om te

vergroten.


25. De drakenbloedboom of Dracaena draco.

Voor de Guanches op Tenerife was de drago al een belangrijke boom.  Ze hadden tenminste één klein heiligdom van een uitgeholde boomstam die ze aanbaden. Het was zo´n 20 meter lang en zo´n 4 meter in doorsneden. Dit mooie stukje historie is helaas verloren gegaan in een storm 1868. Het sap gebruikten de Guanches om hun doden te balsemen.

Door de Europeanen werd het sap gezien als een product van hekserij omdat het in de lucht oranje rood verkleurd. Dat verklaard wellicht ook de naam drakenbloed. Het sap werd destijds gebruikt als verfstof en werd ook enige tijd voor medicinale doeleinden gebruikt.

 

Als verfstof  voldeed het zo goed dat het gebruikt werd voor het kleuren van violen door viool bouwers in heel Europa. Ook voor houten blaasinstrumenten werd het veelvuldig op de houten delen aangebracht vanwege de mooie glans en kleur.  Als medicijn is een recept uit de 18-tiende eeuw bekend voor het maken van tandpasta.
In de huidge tijd wordt het nog maar spaarzaam als verfstof gebruikt. De Drago is een sierplant geworden. Plant want het is geen boom. De structuur is opmerkelijk. In het midden van de stam zit een holle ruimte van boven naar beneden. Daar hangen de wortels als lossen draden naar beneden tot diep in de grond.

In Leiden, in de oudste "echte" botanische tuin uit 1590, werden toen al drakenbloedboompjes gekweekt vanwegen de bijzondere kenmerken die deze plant heeft.


24. Arte mudéjar op Tenerife.

Alle twee hebben ze het, de Iglesia San Francisco in Puerto de la Cruz en de  Capilla de San Cristóbal de La Laguna. Een plafond in een stijl die we arte mudéjar noemen. Dezelfde patronen in  hout en steen komen in gevels en op deuren voor. Het is een unieke Spaanse stijl die zijn oorsprong heeft in een mengvorm van Spaanse en Moorse architectuur, aldus uitmondend in de mudejarsierkunst. De uitvoering kan heel rijkelijk geornamenteerd zijn maar op de Canarische eilanden is de stijl beperkt gebleven tot een aantal vrij terughoudend versierde gebouwen. En dan meestal alleen nog de plafonds.

Klik op de foto´s voor een vergroting.

Als u in of rond de oude gebouwen van Tenerife bent en er een beetje op let ziet u elementen van deze stijl overal terug komen. Kijk dan ook naar boven want de plafonds zijn toch de meest voorkomende voorbeelden van deze stijl. In een aantal nieuwe woon gebouwen of hotels kunt u de stijl ook terugvinden bij wijze van (soms overdreven) decoratie naar een oude stijl. Bekend is lotus park  in Puerto de la Cruz waar de stijl zelfs terugkomt in de keukens en badkamers van de appartementen.

De video geeft een mooie indruk van de stijl.


23.  Lucha Canaria.

Lucha Canaria, ook wel bekend als Canarisch worstelen, is een traditionele wedstrijdsport op de Canarische Eilanden.
De wedstrijden vinden plaats op een "terrero". Dit is een rond gebied met zand waarin twee cirkels met een diameter van 15 en 17 meter zijn aangegeven. 

 

Het gevecht begint met een groet en een fluitsignaal van de scheidsrechter.  De twee luchadores gaan dan met de ​​schouder tegen elkaar staan en pakken elkaars opgerolde broekspijpen vast. Door het inzetten van het eigen gewicht, slimme aanvals technieken en onverwachte handgrepen probeert men de tegenstander te vloeren. Schoppen of slaan mag niet. Als een deelnemer de grond met een ander lichaamsdeel dan zijn voeten heeft hij een ronde verloren. De luchador die twee rondes heeft gewonnen is de winnaar van de wedstrijd. Volgens de traditie helpt de winnaar bij et opstaan en begeleid hij de verliezer naar zijn plek.

De Federación de Lucha Canaria, die sinds 1943 bestaat organiseert de wedstrijden en stimuleert vrouwen om de sport ook te gaan beoefenen. De federatie zorgt ook voor promotie van de sport op scholen. Een gebouw waarin de gevechten plaatsvinden heet een Campo de Lucha. Daar zijn er zo´n 20 van op Tenerife.


22.  Amaro Pargo.

Deze in Spanje vrij bekende figuur  stond bekend om zijn  zijn geslepenheid als koopman. Maar hij was ook kaper, een door de staat gedoogde piraat met een vergunning tot kapen. In die hoedanigheid was hij een niet te missen kapitein die tussen het Caribisch gebied en de Canarische eilanden schepen aanviel die uit Engeland en Nederland kwamen of op de weg terug waren.

Vanwege die diensten voor de Spaanse koningen  (en het land) kreeg hij in 1725 het predicaat Caballero hidalgo en ontving hij in 1727 en adels titel en koninklijke wapens.

In zijn testament schreef deze kaper dat hij een gebeeldhouwde kist in zijn huis verborgen had die zilveren en gouden sieraden, parels en edelstenen van grote waarde bevatte, Er zouden chinees porselein, rijke stoffen en schilderijen zijn en hij voegde eraan toe dat alles gespecificeerd was in een in perkament gewikkeld boek met het kenmerk "D" op de omslag. Niemand heeft dat boek ooit gezien.  In de eeuwen daarna hebben mensen gespeculeerd over de verblijfplaats van de schat. Zijn huis werd door de jaren heen geplunderd door gelukzoekers en er werd gedacht  dat de schat zich in de grot van San Mateo in Punta del Hidalgo bevond, Dat was één van zijn grotten om zijn buit te verbergen. Maar net zoals bij vrijwel alle piraten met dit soort verhalen is de schat nooit gevonden.

Van zijn huis op Tenerife zijn de overblijfselen nog te vinden in de gemeente El Rosario / La Esperanza. Vlakbij Ermita del Rosario staat een grote oude ruïne. Het huis is voor een groot deel ingestort en niets herhinnerd aan de grandeur die het ooit had. Vanaf hier is  de hele kust en het eiland Gran Canaria zien. Deze ligging bood dus een goed zicht op de zee zodat de kaper vanaf dit punt de schepen goed kon zien en ze vervolgens aanviel.


21.  Cesar Manrique. 

Op Tenerife maar nog veel meer op Lanzarote staan ontwerpen van Cesar Manrique, een ontwerper met een bijzondere visie. Zijn stijl wordt gekenmerkt door het samenvloeien van natuur en architectuur waarmee hij een  volledig nieuw concept creëerde dat hij kunst-natuur / natuur-kunst noemde.

 

De vormtaal is heel eenvoudig en organisch. het is niet recht. maar ook niet altijd vloeiend rond en toch heeft het een struktuur en een onmiskenbare harmonie. Dat zie je bij de zwembaden  die op meren lijken, op de beschouwer overkomen als door  de natuur gevormd maar toch duidelijke constructies zijn. Hij gebruikte natuurlijke vulkanisch gesteente,  cactussen en andere planten als onverwachte stijlelementen. Een ander wezenlijk deel van zijn ontwerpen is licht terwijl wit zijn allesoverheersende kleur is. De andere kleuren zijn vaak primaire kleuren die ook mogen blinken tegen de bijna altijd witte achtergrond.

De video geeft een beknopt beeld van zijn stijl. Het gaat over de "Fundacion Cesar Manrique" op Lanzarote-

Op Tenerife zijn een aantal van zijn werken te bekijken maar de meest kenmerkende zijn toch wel de zwembad complexen in Puerto de La Cruz en in Santa Cruz.

Dit is een heel beknopt stukje. Er is zoveel meer te vertellen over deze unieke ontwerper en op deze link vind u meer....... https://ociocostamartianez.com/en/cesar-manrique-3/.


20. Colombicultura.

Met enige regelmaat kunt u gekleurde vogels in de lucht zien vliegen. Doorgaans in grote groepen vliegen ze zichtbaar in opvallend felle kleuren aan u voorbij. Waarschiijnlijk weet u wel dat het duiven zijn maar niet iedereen weet waarom ze geverfd zijn. 

In tegenstelling met wat veelal wordt gedacht zijn het geen postduiven., Met deze bezigheid gaat men een echte uitdaging aan. Men laat één vrouwtjesduif los en iets later laat men een aantal mannetjes duiven los die achter het vrouwtje aanvliegen. In het reglement staat dat de doffer die haar verleidt en zo lang mogelijk naast haar zit, zonder dat hij zich laat verdringen door die andere doffers, de de winnaar van de wedstrijd is. 


De opvallende kleuren zijn daarbij nodig zodat de scheidsrechter en de eigenaren de vogels van elkaar kunnen onderscheiden. In het clubhuis is een bord te zien met een tekening van alle duiven en de erbij horende  kleurstelling.

De duiven wordt vlak bij het dorp losgelaten. De vrouwtjesduif heeft een kleine zender waardoor de deelnemers weten waar de duif is. Uiteraard is het soms lastig om dicht bij de duiven te komen waardoor er een tocht door de velden noodzakelijk is om de duiven te kunnen observeren. Het is een bijzonder gezicht om de mannen, uitgerust met stopwatches, verrekijkers, pen en papier en mobiele telefoons door de velden te zien rennen.

Maar er zal uiteindelijk maar één winnaar zijn en daarna is het feest in het clubhuis. Zoals altijd, sport vebroederd.


19. Ronmiel, de lokale sterke drank.

Ronmiel (spreek uit ron miejel ) is een rumsoort van de Canarische Eilanden. De naam is letterlijk te vertalen als honing rum. Daarom moet de drank ook teminste 2% honing bevatten.
De grondstof is suikerriet of melasse, net zoals van andere rumsoorten.

Ronmiel heeft een goud-oranje kleur en wordt wordt gemaakt met 20 of 30% alcohol. De smaak is zacht en een beetje zoet waartussen door de honingeur nog te herkennen is.

Toen eenmaal de handelsvloten tussen Europa en Amerika op gang kwamen voer men doorgaans langs de Canarische eilanden. De (toen al) lokale bevolking leerde daardoor de produkten uit Amerika kennen waaronder de met suikerriet gestookte rum.Het is niet bekend waarom maar op de eilanden ging men honing toevoegen en zo onstond de lokale drank waarover we het hier hebben.

Video door Arucas Las Palmas.

Op Gran Canaria bevind zich ia Destileria Arucas in Las Palmas en op Tenerife Destileria San Bartolome. Beiden zijn gespecialiseerd in de honingrum en produceren de originele Canarische rum uit suikerriet met speciaal geselecteerde honing.


18. Gierend vliegt de gierzwaluw oneindig door de lucht.

De gierzwaluw (Apus apus) is een vogelsoort die op de gewone zwaluwen lijkt, maar is er niet nauw mee verwant; de overeenkomsten zijn gebaseerd op overeenkomstige evolutie. Het is een trekker voor lange afstanden. Hij verblijft tijdens het broedseizoen vooral van begin april tot begin augustus op Tenerife. De winterverblijven bevinden zich in Afrika, ten zuiden van de evenaar.

Gierzwaluwen zijn uitermate geschikt om in de lucht te leven. Buiten het broedseizoen zijn ze ongeveer tien maanden bijna zonder onderbreking in de lucht. In de voorzomer en de zomer vallen de gezellige vogels in de lucht  op met hun schrille roep. Tijdens hun vliegmanoeuvres kunnen ze duiken met snelheden van meer dan 200 km / h.

Ze vliegen op een onvoorspelbare wijze door de lucht en vangen al etend het zogenaamde luchtplankton dat tot op grote hoogte wordt meegenomen door opstijgende lucht of de thermiek. Gierzwaluwen komen vrijwel nooit op de grond, eten en drinken vliegend  en vliegen zelfs slapend. De nesten bevinden zich op grote hoogten en als de jongen uitvliegen      moeten ze in de lucht blijven. Op de grond sterven ze een zekere dood.


17. Chaxiraxi, de patroon heilige van de Canarische eilanden.

Ergens tussen 1392 tot 1401, dus voordat de Spanjaarden in Tenerife kwamen, verscheen er een beeld van de Maagd van Candelaria bij het strand Güímar. Dat beeld werd door de

Guanches aanbedenen ze gaven het de naam Chaxiraxi. Ruim 120 jaar later, in 1526 werd het in een kapel geplaatst waartoe opdracht werd gegeven door Pedro Fernández de Lugo,

de tweede gouverneur van de Canarische eilanden.

Jaren later is de maagd van Candelaria is in 1599 door paus Clemens de 8ste tot patroon heilige van de Canarische eilanden verklaard.

Het feest ter ere van haar wordt op 15 augustus, met veel vertoon, deelname van verschillende folkloristische groepen en als Guanches verklede mannen gevierd in Candelaria.

Daar komt een groot aantal pelgrims van over het hele eiland hulde brengen aan hun beschermheilige. Velen brengen de nacht ervoor door op de wegen die naar de stad leiden.

Het echte beeld is er helaas niet meer omdat het in 1826 verdween in een overstroming. De kopie die u vandaag ziet is in 1827 gemaakt door Fernando Estévez, een lokale beeldhouwer.


16. Een majestueuze plant op Tenerife, de Tajinaste.

De Tajinaste is een meerjarige plant die een hoogte van zo´n drie meter kan bereiken. De plant behoort tot de soorten die vallen onder de verzamel naam Echium, Grieks voor slangekop. In België en Nederland kennen we een soortgenoot, het slangenkruid.

In botanische termen is de naam Echium wildpretii, de naam tajinaste komt van de Guanche taal en betekent "naald". Deze naalden staan soms met honderden tegelijk op de hellingen van de Cañadas. Die opeenhoping van tajinastes staat in het Spaans bekend als tajinastal.

 

Kenmerkend voor de tajinaste van Tenerife is de basisrozet, die een diameter van wel een meter kan bereiken en bestaat uit vrij rechte lancetvormige bladeren. De basisrozet staat stevig op de grond met een korte, onvertakte stengel, de bladeren zijn ongeveer 30 × 2 cm groot, aan beide kanten dicht bezet met relatief zachte haren en daardoor wit viltachtig ruw. Een enkele smalle, kegelvormige bloeiwijze die dicht is bedekt met talloze bloemen en kan bloeien van mei t/m augustus komt omhoog vanuit het midden van de rozet.

Afhankelijk van het type is de kleur van de bloemen rood of roze, ze worden uiteindelijk blauw. De brede trechtervormige bloemen zijn tussen de 10 en 14 mm lang. De vruchten zijn kleine nootjes die ruw aanvoelen.

Als achtergond informatie: De naam wildpretii komt van  Hermann Wildpret (1834-1908), voormalig verantwoordelijke voor de Jardín de Aclimatación de La Orotava, een botanische tuin in Puerto de la Cruz op Tenerife.


15. Even over de taal die je kunt fluiten.  Even naar Gomera.

We wijken een keertje uit naar La Gomera voor de taal die je kunt fluiten, de Silbo Gomero.

Het fluiten kent slechts 2 klinkers en 4 medeklinkers maar door de talloze variaties zijn er toch hele woorden of begrippen mee te fluiten. Het is uiteraard gebaseerd op het Spaans en de "Silbadores" vertalen de Spaanse medeklinkers en klinkers in fluittonen die kunnen variëren in toonhoogte, letters kunnen hoog of laag gefloten worden, in karakter: ze kunnen continu fluiten of ze kunnen even onderbreken én ze kunnen het ritme veranderen.

 

Om het te beoefenen nemen de fluiters een gebogen wijsvinger in de mondhoek en duwen de tong naar achteren. Met de andere hand vormen ze dan een soort luidspreker. Als ze dan de houding van de vingers veranderen ontstaan de verschillende fluittonen.
Gewoon even proberen tot dat het lukt.

De taal is ook praktisch van aard en je kunt het voor bijna alle onderwerpen gebruiken, om geboortes kenbaar te maken, om vragen te stellen, om op gevaar te wijzen of om hulp te roepen en natuurlijk om kennis over het weer uit te wisselen. De gefloten taal bestaat zeker niet uit "steekwoorden". Je kunt er volledige zinnen mee maken die voor iedereen die de fluittaal ook kent goed begrepen kan worden.

Maar bovenal is het fluiten handig voor de herders en boeren die over grote afstanden willen communiceren. Door dit fluiten kunnen de ‘silbadores’ van de ene naar de andere berg boodschappen over brengen over een afstand van zo´n 3 kilometer. Pratend kom je niet verder dan 10-tallen meters. Voor mensen in de bossen en de heuvels is fluiten dan heel handig.

Het is belangrijk om de taal te bewaren en de oudere inwoners van Gomera beheersen het silbo nog behoorlijk goed. Maar omdat het dreigde uit te sterven kan het nu op de scholen weer in het lespakket opgenomen worden.

Op die manier wordt dit stukje cultuur en een mooie traditie voor de eeuwigheid bewaard.


14. Zwemmen in natuurlijke zwembaden of een grot kan in El Tablado.

Het is een bijzondere belevenis om aldaar eens te gaan zwemmen en het is nog weinig bekend.

El Tablado ligt bij Guimar, tussen de luchthaven Zuid en Santa Cruz de Tenerife.

 

Het gebied is een rustig dorp met zijn eigen natuurlijke zwembaden, zeezwemterras de verborgen grot!

De grot kun je bereiken door er rechtstreeks vanuit de zee in te zwemmen of er vanaf de kant in te duiken. Maar zoals met alle natuurlijke zwembaden kunnen de zeecondities het zwemmen van de grot naar de zee gevaarlijk erg maken.

Vraag bij voorkeur eerst een ervaren bekende of een bewoner van het dorp om met je mee te gaan om veilig de grot en tunnel in en uit te gaan. Als je tegen de stroom in probeert te zwemmen, blijf je lang onder water.

Ga bij twijfel niet in de grot en bezoek in plaats daarvan het bijzondere natuurlijke zwembad!


13. Wonen wij  bij de helden en goden van de Grieken?

Ons eiland Tenerife is één van de eilanden die tot Macaronesië behoren. Die naam komt van de oude Grieken en betekent de gelukzalige eilanden maar niemand wist precies  waar die lagen. De Grieken dachten aan alle eilanden ten westen van Spanje en Afrika. Het waren legendarische eilanden in de Atlantische Oceaan, afwisselend behandeld als een eenvoudige geografische locatie maar ook als een winterloos aards paradijs bewoond door heroische Grieken.

 

Volgens de Griekse mythologie waren de gelukzalige eilanden gereserveerd voor degenen die ervoor hadden gekozen om driemaal te reïncarneren, en als ze er in slaagden om alle drie de keren als bijzonder zuiver genoeg te worden beoordeeld konden zij toegang te krijgen tot de Elysese velden die op de eilanden moetsen liggen en  de laatste rustplaats waren van de historische helden en goden van de Grieken.

 

De romein Quintus Sertorius, generaal in Spanje wist kennelijk meer dan een mythe want van zeelieden leerde hij feiten kennen die zo betoverend waren dat hij er zijn levensambitie van maakte om de eilanden te vinden en daar met pensioen te gaan.

Hij hoorde dat het eilanden waren waar de lucht nooit extreem was, die voor regen een beetje zilveren dauw had, die van zichzelf en zonder arbeid alle aangename vruchten droeg voor hun gelukkige bewoners, zodat het hem leek dat deze elanden niet anders konden zijn dan de Elysese velden waar hij na zijn pensionering zo naar verlangde.

Kijk en daar wonen wij nu, Temidden van die fantastische natuur.


12. Een klein stukje over de Blauwe Vink.

Deze unieke vogel   is door de regering van de Canarische eilanden tot het natuurlijke symbool van de eilanden benoemd. Het is inderdaad een vogel die elders niet in de natuur voorkomt maar wel nauwe verwant is van de ook in België en Nederland veel voorkomende vinken.

Het is een flinke vogel met een lengte van zo´n 17 cm. Het mannetje heeft van boven blauwgrijze tinten overgaand in een licht grijze onderzijde. De vleugels zijn van boven wat lichter blauw met donkere strepen. Het vrouwtje is aan de bovenkant donker grijsbruin en van onder lichter grijs met een wat contrasterend vleugelstreep.

Deze bijzondere vogel leeft in keine groepjes en is een omnivoor die leeft in de bossen tussen de Canarische den waarvan ze de zaden en de larfjes die zich in de schors bevinden eten. Maar soms vliegen de vogels wat verder en kunt u ze ook tegenkomen in de wat bosrijkere bewoonde gebieden rondom Villaflor, Arico en Aguamansa.

Ga maar eens in die bossen wandelen en luister naar de roep. Wellicht herkent u het onderstaande voorbeeld.


11. De mystieke laurierbossen.

Lopend door de overweldigende bossen bij Agua Garcia of in het Anaga gebergte kunt u terecht komen in de oeroude laurier bossen.  Die bomen zijn niet dezelfde als de algemene laurierbomen maar een ondersoort die in alleen in Macaronesië*   voorkomt.  Dit is de Laurus azorica, genoemd naar de Azoren.

 

Het bijzondere aan de lokale laurierbossen is de bonte samenstelling waaruit het bestaat. Naast de zeer onregelmatige gevormde bomen kun je in die bossen ook wilgen, korstmossen, (boom)heide, wilde sinaasappel.  varens en mocan,zien. (Mocan is inheems en lijkt op de bekende kamer ficus.)

Al deze soorten zijn zijn vochtminnend en de bijna altijd vochtige ondergrond van de bossen zorgt voor deze wisselende vegetatie.

Door de bossen lopen kleine paadjes en met enige regelmaat zijn er op de steile stukke trappen neergelegd die vaak honderden jaren oud zijn maar redelijk goed onderhouden worden.

Een bezoek aan zo´n bos heeft iets mistieks, zeker als u het treft en er op dat moment juist wat nevel is. De stilte is bijna zichtbaar. Het nodigt je uit om rustig en zacht te spreken in deze bijzondere bossen.

* Macaronesië is de benaming voor de oostelijke eilanden groepen in de Atlantische oceaan. Het omvat: de Azoren, Madera, de Canarische eilanden, Kaapverdië en Ilhas Selvagens. De laatste betreft een groepje onbewoonde mini eilanden die bij Portugal horen maar waar Spanje al heel lang aanspraak op maakt.


10. Altocumulus lenticularis of lenswolk.

U kent deze wolken wel want deze wolkensoort is op Tenerife vaak te zien als een "hoedje" bovenop de Teide.

Dat hoedje ontstaat door de beweging van lucht  onder invloed van heuvels of bergen.

Wanneer de wind met een flinke kracht tegen de berg blaast wordt de lucht gedwongen te stijgen. Aan de achterzijde van de berg daalt de lucht dan weer. Slechts in het middendeel

bevindt zich een condensatie zone en dat is het zichtbare deel van de luchtstroming. Immers daar is de lucht overgegaan in waterdamp zodat je het kunt zien.

Ook al verplaatst de lucht zich langs en over de berg, het condensatie deel blijft zich in dezelfde luchtlaag bevinden. Een lenswolk blijft daarom min of meer permanent boven dezelfde plaats hangen, terwijl de lucht gewoon verder stroomt.

Vorming van lenswolken kan ook duiden op snelle stromingen in de hogere luchtlagen of plotseling toename van de wind op een bepaalde hoogte. Deze wolken nemen veel vormen aan maar zien er vaak uit als ronde objecten met gladgepolijste randen. Niet vreemd dus dat ze al heel lang voor ufo´s worden aangezien.   Vooral in de schemering. 


9. De herontdekker van de Canarische eilanden, Lancelotto Malocello uit Genua.

De zeevaart op de Atlantische Oceaan was in de 14e eeuw nog steeds onbeduidend en was grotendeels beperkt tot kustvaart van de Middellandse Zee met Noord-Europa en terug. In de Nederlanden noemde men dat de vaart op de levant.

Het gebruik van het kompas en andere nautische apparaten maakte het in de 14e eeuw mogelijk om betrouwbaarder te navigeren en daarmee verder te kunnen reizen.

Zo kwam onze Genuees in 1336 bij de Canarische eilanden.

Economische historici gaan er tegenwoordig van uit dat die onderzoeksreizen naar de Canarische Eilanden niet in de eerste plaats bedoeld waren om handel met deze eilanden te bedrijven.

De bewoners van de eilanden boden handelaren immers alleen maar orceïne (een kleurstof), geitenvellen en slaven aan. De eilanden werden destijds gezien als vertrekpunt voor de ontwikkeling van de Afrikaanse kust en het achterland. Het fort, dat vermoedelijk door Lancelotto Malocello in het eerste helft van de 14e eeuw op Lanzarote was gebouwd, toont aan dat de handelaren van Genua van plan waren een permanente basis op de archipel te vestigen om van daaruit beter in Afrika te kunnen doordringen.

Zover is het echter toen (nog) niet gekomen. Eerst moest er nog een Franse invasie komen en daarna kwamen de Spanjaarden met een vloot langs. Mooie kleine stukjes geschiedenis.


8. Dat kleine gitaartje met 5 snaren heet een "timple".

De timple is een vijfsnarige muziekinstrument (soms slechts vier) en is typisch voor de Canarische Eilanden. Het is één van de instrumenten die zijn afgeleid van de klassieke barokgitaren en is ongeveer 60 cm lang. De klankkast is smal en de bodem is niet plat maar eerder bolvormig. Daarom wordt het instrument ook wel een "klankkameel" genoemd.

Sommige gitaarbouwers hebben gewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe technieken. Een van hen is Jesús Machín, die de constructie- en ontwerptechnieken van andere klassieke concertinstrumenten zoals de gitaar heeft toegepast om timples te maken met een betere geluidskwaliteit en comfortabelere uitvoering.

De geschiedenis en de oorsprong van de timple is niet duidelijk maar het instrument heeft verschillende Europese en Amerikaanse invloeden. Momenteel is het aanwezig op alle Canarische eilanden en vormt het een wezenlijk  onderdeel van de muziekale cultuur op de archipel, alhoewel het van oudsher een meer wijdverbreid gebruik heeft op Tenerife. In de oostelijke eilanden Gran Canaria, Fuerteventura en Lanzarote is het iets minder bekend en het is bijna onbekend op de eilanden El Hierro en La Gomera. Maar daar zijn de oudste muziekinstrumenten meer in zwang  zoals de fluit, de chácara en de trommel.


Mike Oldfield woonde een tijd in La Cuesta de La Villa. Uit bewondering voor de vulkaan componeerde hij het lied Mount Teide. Die vind u hier in twee uitvoeringen.


7. Het Observatorium op de Teide.

De Teide is één van de drie beste plekken om naar het universum te kijken. De bijzondere telescopen van het observatorium op de Teide zijn opgesteld op een hoogte van ongeveer 2400 meter boven het zeeniveau. Plek en hoogte maken het tot één va de meest geschikte plaatsen om naar de zon te kijken.
Wij zien vanuit alle hoeken van het eiland de witte gebouwen met veelal een ronde bovenkant staan als ze het felle zonlicht reflecteren.

Er is overal veel informatie over dit bijzondere complex op Tenerife te vinden.Maar het is ook goed te bezoeken. Er worden door het Astrofysisch Instituut van de Canarische Eilanden bezoeken aan het observatorium georganiseerd voor groepen. Er is een bezoekerscentrum ingericht in één van de koepels. Daar wordt uitgelegd hoe telescopen werken en wat het belang van de astronomie is.

Wellicht is het een goed idee om het complex eens met een aantal leden van HC El Teide te gaan bezoeken.


6. Een stukje geschiedenis over Tenerife in de klassieke oudheid.

In Griekse en Romeinse geschriften wordt al gesproken over wat nu Tenerife is. De grieken spraken over de “Elyzese velden”. Homerus schreef in de 9e eeuw v.C. daarover:

“Zoon van Zeus, u zult niet sterven en naar Argos vertrekken, het land van de paarden; uw toekomst ligt in de Elyzese velden, zonder te lijden van de sneeuw, de strenge winters en regen maar genietend van de eeuwigdurende frisse lentelucht”.

De Romeine noemden onze huidige woonomgeving “fortunatae insulae”, de gelukzalige eilanden en Romeinse schrijver Salust schreef over de eilanden:

“Het is bekend dat deze eilanden dicht bij elkaar liggen op een afstand van 2000km van Cadiz en dat er spontaan voedsel voor de mens groeit. 

Volgens de (Romeinse) filosofen liggen de Elyzese velden op de gelukzalige eilanden waarover Homerus in zijn werk verhaalde”.

We spreken nu over de eilanden van de eeuwige lente, maar wellicht is de oude naam over de gelukzaligheid wel net zo treffend. In elk geval zijn het mooie beschrijvingen.


5. Semana Santa

is een week van bijeenkomsten die in heel Spanje en dus ook op Tenerife gehouden worden. Dit jaar vinden ze plaats tussen tussen 5 en 12 april, de week voor Pasen, dat in Spanje Pascua genoemd wordt. Semana Santa betekent Heilige Week maar wordt vaak Goede Week genoemd. In die week zijn er in heel Spanje processies met wierook, melancholische muziek, bellen en tromgeroffel. Daarbij komen emoties die zelfs kunnen leiden tot huilende mensen in het publiek.

De Heilige of Goede Week begint op zondag met Domingo de Ramos (de dag dat Jezus Jeruzalem binnen liep) gevolgd door Lunes Santo op maandag en Martes Santo op dinsdag. Daarna komt woensdag Miércoles Santo, dan Jueves Santo en vrijdag Viernes Santo (Goede Vrijdag). Op zaterdag is er Sábado Santo tenslotte de Domingo de Resurrección op zondag.

Passietaferelen

Paso’s zijn de grote draagbaren waarop een Mariabeeld of een scène worden afgebeeld. De beelden zijn gemaakt van hout waarna zij worden voorzien van met goud geborduurde kostuums en andere kostbaarheden. Deze draagbaren worden gedragen door de leden van een broederschap, de costaleros.

Processies

De stille processies gaan via een eigen route en volgen in principe allemaal eenzelfde protocol. Als eerste komt het Cruz de Guia op, een houten kruis dat voorafgaat. Daarna volgen de broeders en zusters in hun bijzondere mantels met een kaars. De mensen die boete doen lopen blootsvoets en dragen de bekende punthoofddeksels. Hierna komen vaak kinderen die snoep uitdelen en daarna komen de gedragen zilveren kandelaars en wierookvaten. Vaak komt dan een muziekkapel gevolgd door nog meer boetelingen.

Het is een bijzonder spektakel om mee te maken en als u de gelegenheid hebt hebt moet u zeker eens zo´n processies gaan bekijken. Het hoort bij de lokale geschiedenis en cultuur.

O ja, als u het één keer bij de uitgang van een kerk hebt gezien weet u ook waarom die kerkdeuren zo hoog zijn. Als u geluk hebt kunt u ook zien dat ze soms meerdere keren nog hoger gemaakt zijn. Een kwestie van wie de grootste heeft.


4. Rijkste en armste gemeenten op de Canarische Eilanden

Kort geleden publiceerde de Fundación de Estudios de Economía Aplicada een lijst voor de Canarische Eilanden met gegevens over 2014.

Dat is dus al 6 jaar geleden en het zal in de toekomst wel erg veranderen, gezien de huidige economische situatie op onze eilanden en in heel Spanje. Maar voorlopig weten we nu nog niet meer als wat deze studie heeft opgeleverd.

In 2014 waren de rijkste gemeenten op Gran Canaria: Santa Brigada met € 27.575,60 en Las Palmas de Gran Canaria met € 20.853,89. En op Tenerife waren dit: El Rosario met € 23.320,56, Santa Cruz de Tenerife met € 20.862,94 en Tegueste met € 19.747,96.

Echter, de armste gemeenten kwamen het meest voor op Tenerife; één gemeente op Gran Canaria, nl. La Aldea de San Nicolás met € 10.109,30. Op Tenerife waren dit: San Juan de la Rambla met € 11.585,41; La Guancha met € 11.576,93; Icod de los Vinos met € 12.003,16 en Garachico met € 12.541,68.

Ter vergelijking met de rest van Spanje:

Madrid: € 28.550 ; Barcelona € 27.013 ; Valencia met € 21.557 ; Palma de Mallorca met € 21.411 ; Sevilla met € 21.117 en Zaragoza met € 20.971.


3. Een kleine geschiedenis van het carnaval in Santa Cruz.

Het huidige carnaval stoelt op oude culturele gebruiken.

Al voor 1900 waren er optochten en artistieke evenementen ontstaan waarbij "tapaderas" gebruikt werden. Dat waren fraaie maskers waardoor de dragers niet herkend werden. Al vroeg trokken de gemaskerde feesten bezoekers uit andere delen van het eiland en toeristen aan en al in 1925 werd het eerste programma voor een carnaval in Santa Cruz gemaakt.

In die dagen verschenen mede door die ontwikkeling de eerste carnavalsgroepen die niet alleen de traditionele maskers droegen maar verder gingen in de richting van het carnaval zoals we dat nu kennen. De comparsas en de murgas ontstonden in die tijd.

De eerste wedstrijden zorgden voor een kwalitieve impuls waardoor de dansen, de kostuums en de maskers steeds verfijnder werden. En zelf nu slagen de ontwerpers er nog steeds in om elk jaar gedurfde en nieuwe creatieve ontwerpen te leveren die vaak uitmunten in hun originaliteit.


2. Walvissen kijken op zee.

Spanje is een populair land, ook wat betreft het spotten van walvissen. Dat kan zowel in de Middellandse Zee als in de Atlantische Oceaan. Wel 30 soorten walvissen en potvissen zijn er langs de Spaanse kusten of iets verderop op zee te zien. B.v. langs de kusten van Galicië, Cantabrië en Baskenland, maar de meest ideale plek is echter de natuur bij de Canarische Eilanden.

Vooral bij Tenerife komen veel walvissen voor. Verschillende warme en koude waterstromen komen hier bij elkaar, waardoor een ideale omgeving geschapen wordt voor deze zeebewoners. Er zijn er die hier het hele jaar verblijven, maar ook zijn er “passanten”.

De tuimelaar, die we meestal kennen als de dolfijn komt hier veel voor. De grienden (zie foto) die erg veel lijken op kleine walvissen zijn er iets minder maar toch nog heel vaak te zien.

Een ideale gelegenheid dus om een excursie te maken, waarbij het best mogelijk is dat dolfijnen met de boot meezwemmen en als je geluk hebt, er ook reuzeinktvissen te zien zijn.


1. Gaat de trein ècht rijden op Tenerife?

Als het aan de eilandsregering ligt, komt die trein er echt.

De regeringen van Tenerife en Gran Canaria hebben in het Spaanse parlement hun plannen verdedigd. Volgens hen moeten de plannen uitvoerbaar zijn ondanks de enorm hoge kosten.

Tenerife heeft de plannen klaar voor een treinverbinding van zuid naar noord, wat de overvolle autopista´s zal moeten gaan ontlasten; dit gaat 2,2 miljard kosten. De lengte van het traject is 80 km en er zijn 7 haltes geplanned. De reistijd zou 45 minuten zijn en dagelijks zouden er 67.000 mensen gebruik van kunnen maken.

Het plan van Gran Canaria is heel ambiteus. Er wordt een ondergronds traject aangelegd van de hoofdstad Las Palmas naar de luchthaven en er zal gebruik gemaakt worden van groene energie. Een duur plan; het gaat 1,6 miljard kosten, maar volgens de onderzoekers is het de enige mogelijkheid om het vervoersprobleem van het eiland op te lossen.

Of deze plannen goedgekeurd gaan worden is nog niet bekend; we wachten af ..........