Lees over mooie, bijzondere of leerzame verhalen, belevenissen of ervaringen van medeleden.


Mocht u ook een ervaring op deze plek willen delen dan plaatsen wij dat heel graag. 


Geplaatst op 1 augustus door Ellen Borkes.

 

Spaanse gezelligheid of lawaai?

Is het u wel eens opgevallen, dat als Spanjaarden met elkaar praten, ze dat altijd op luide toon doen, ook al staan ze vlak bij elkaar? Bij mij komt het over alsof ze ruzie met elkaar hebben, maar nee, het is dan juist erg gezellig! Ik heb het vermoeden dat voor een gemiddelde Spanjaard, lawaai maken gelijk staat aan plezier maken.

Hoe komt dit; waar zit de oorsprong hiervan? Mogelijk hierdoor:

Spanje is een volk met trots. Het is een groot land met veel ruimte; men is niet gewend om op een kluitje te wonen en rekening te houden met anderen. Spanjaarden houden van een feestje, blijven laat op, zijn gepassioneerd en expressief. Misschien speelt de geschiedenis hierbij ook een rol. Na het regime van Franco zijn de mensen vrijer en opener geworden.

 

In het noorden zijn de mensen wellicht wat meer ingetogen dan in het zuiden, maar in het algemeen verschilt het niet zoveel. Natuurlijk is er in een stad wel meer lawaai dan op het platte land en is het in een bar met zijn tegelvloeren altijd luidruchtig.

Wel opmerkelijk is dat de Spanjaarden wel zacht kunnen praten in kerken en wachtruimten bij doktoren/ziekenhuizen bijvoorbeeld.

Volgens de WHO is de aanvaardbare grens voor de gezondheid 65dB en wordt deze dagelijks in Spanje overschreden. Langdurige blootstelling aan lawaai beschadigt de zintuighaartjes in het binnenoor (80dB is de veiligheidsgrens). Ondanks nieuwe wetgeving blijft het Spaanse lawaai van hoog niveau.

Inmiddels neem ik het lawaai voor lief. Gelukkig valt het hier op Tenerife nog wel mee, alhoewel; als de Spaanse buren feestvieren of bezoek hebben geniet ik ervan mee.


Geplaatst op 18 mei door Gerard van Amstel (pseudoniem).

 

Ik mis alleen de klokjes.

Na een lange voorbereiding waarbij je aan alles gedacht hebt is het zover.

Je betrekt een andere woning in een ander land op een eiland bij Afrika, Tenerife. De eerste maanden bekijk je alles met verwondering om je heen in dit nieuwe land met z´n heerlijke klimaat, mooie stranden, hoge bergen en avontuurlijke bossen. Over de winkels ben je tevreden en het uitgaansleven is uitdagend genoeg om alles eens te willen bezoeken.

 

Maanden later. . . . . . .

 

Mis je niets uit het vaderland vroeg iemand, maar nee zei ik, ik mis eigenlijk niets.

Pas veel later kwam het, er was toch iets en ineens dacht ik eraan, ja, ik mis iets.

De beiaard, de zachte deken van vrolijke klanken over de stad.

 

Ik mis het gebeier van de grote klokken en het zoete getingel van de kleine klokjes.

Als ik er aan terug denk kwam de sfeer weer terug. De lange avonden in de winter, de sneeuw in de straten dat alle geluid een beetje dempte.

En daarboven klonken de vriendelijke tonen uit de ranke toren.

Maar ik vergeet ook de middagen op de terrasjes niet als de zon vriendelijk over de pleinen scheen.

Als pareltjes liet de beiaard zijn klanken over de daken rollen.

Die klokjes maakten het toeven in de stad tot een unieke belevenis die je in bijna geen land kunt beleven. De beiaard is dan ook één van de mooiste culturele hoogtepunten van de lage landen.

En ja, dat mis ik.

Luister maar.

Het duurt even voordat de muziek begint.


Geplaatst op 20 april door Joost Onderwater (nom de plume).

Het verandert (n)ooit.

Lang geleden, we waren nog piep jong, begonnen onze grote avonturen, met de fietsjes naar de beken en het bos, naar de spanning die het onbekende ons zonder enige twijfel zou brengen. Indien deze website zo goedmoedig zou zijn om nogmaals één van mijn schrijfsels op haar pagina´s te plaatsen komt u daarover ongetwijfeld veel meer te weten.

Er was zoveel te ontdekken dat de dagen die we vrij waren van school niet voldoende waren om alle bijzonderheden van de rijke natuur te kunnen bewonderen. We wilden toen alles verkennen, beukennootjes zoeken was slechts een verplicht uitje met vader en moeder om de lange zondag door te komen.

En dan hadden we nog geluk dat we niet naar tante Hilda en oom Cor moesten. Oudoom en tante waren die twee. Ze begonnen na het obligatore glaasje fris met een klein stukje taart altijd de rest van de middag te verzieken met zang en piano spel. Gesproken werd er niet zoveel maar het was voor onze culture vorming van groot belang zo werd ons onophoudend voor gehouden.

Dat zal dan wel.

Ik zal echter nooit vergeten dat bij het afscheid mijn stevig gebouwde tante zich met haar borsten altijd net wat te fors tegen mij aandrukte met de wens dat ik goed op mezelf moest passen. Ze drukte daarmee altijd het snoepje dat ik zo juist van haar gekregen had bijna dwars door mijn tanden heen. Waarschijnlijk goed bedoeld maar toch altijd iets waar tegen ik op zag, zeker als ze me er een bemoedigende tik op m´n billen als een soort van toegift achteraan toediende.

En zo waren er nog wel wat ooms en tantes die ons met goede bedoelingen van onze eigen bedoelingen afhielden. Maar goed, op eigen kracht het leven verder in gaan was ook geen optie. Dat maakte de opofferingen een beetje goed, we waren er tenslotte, althans gedeeltelijk, ook voor het plezier van onze tantes.

Nu nog zes maanden, dan wordt ik oudoom. Wat zal dat kind straks blij zijn als tenminste één oudoom en tante op ruim 3000 kilometer afstand wonen. Maar als mijn nieuwe neefje of nichtje ooit komt dan zal ik ze hier de natuur laten zien, de ijsgrot in de Cañadas en druipende rotsen in de Anaga.

Ik mag toch alsjeblieft niet hopen dat ze dol zijn op zang en piano met een paar snoepjes aan het eind?


Geplaatst op 28 januari door Jean-Loub de Villbiss (nom de plume).

 

De kapper.

Vorige week ben ik naar de kapper geweest. Mijn vertrouwde kapper was echter per 1 jan op rust. Een bedeesde jonge man neemt nu de dienst waar.

Het is een eenvoudige kapperszaak hier in "ons dorp" met niet veel keuze of frivoliteiten.

De conversatie begint steevast met een naam van een seizoen. Nu dus normaal invierno, dat wil zeggen winterkapsel.

Maar overmoedig door een vleugje zon vroeg ik primavera.

Ik draag een sterke bril, zonder zie ik niets, en die zet ik af voor de kapbeurt.  Ik moet erop vertrouwen dat de vakman het goed doet. Enkel na gedane arbeid rijkt hij me mijn bril aan voor beoordeling met de spiegel.

Nu primavera was een beetje te enthousiast zowel door mij als voor de nieuwe kapper.

Laat me zeggen het was goed kort. 

Woensdag bij een etentje met vrienden was er de onvermijdbare commentaar op mijn kapsel  en dat bracht mij bij een ander verhaal.

Toen ik nog werkte was ik altijd op tijd voor mijn afspraken. Stipt 2 minuten te vroeg.

Om dit mogelijk te maken was ik soms veel te vroeg ter plaatse. 

Ook deze keer. Een kleine Vlaamse stad en ik was geparkeerd op de markt mijn notas aan het doornemen.

Afspraak met de directie van een speciale tapijtweverij. Twee broers, wijsneuzen,eigenaars en beide ingenieurs, die jacquardgetouwen verbouwden naar eigen behoeften. Tapijten op maat met ingeweven wapenschilden, spreuken of logos. Enkel op bestelling, wereldwijd.

Dit was een moeilijke afspraak want deze keer was de directie ook nog eens bekwaam, toch een tikkeltje gespannen.

Als ik dan veel te vroeg was gebeurde het wel eens dat ik naar de kapper ging voor een scheerbeurt haren bijknippen en kammen.

Dat ontspande me en ik voelde me beter in mij mijn vel, meer zelfvertrouwen.

Zo ook nu. Van uit mijn wagen keek ik recht op een kapperszaak. Een huis van vertrouwen op de markt. Binnen was het echt een prachtige antieke kapperszaak, met stoelen vol chrome en echt leder. Ik was er alleen. Een oudere man slofte binnen en ik mocht zitten.

Bril af en hij schoor me perfect. weliswaar traag maar niets op aan te merken. Mijn haren nog trager zodat ik me zorgen begon te maken over mijn afspraak.

Eindelijk, vlug bril op, betalen en naar de weverij.

Ik weet niet meer hoe deze afspraak verlopen is maar het was reeds laat toen ik er buiten kwam. Naar huis.

Mijn vrouw keek me verbaasd aan en troonde me mee naar de badkamer. " Kijk maar eens in de spiegel ! " Hilarisch, haar in pieken en asymmetrisch, een raagbol was nog beter.

Zij heeft wat bijgeknipt maar het bleef afschuwelijk.

Een week later was ik opnieuw in dat stadje en ging iets drinken op de markt bij een bevriende kastelein.

We waren beide fervente amateur fotograven. Het duurde niet lang of het gesprek ging over mijn haar, iedereen lachte. Ter mijner verdediging zei ik dat deze ramp wel veroorzaakt was door een stadsgenoot, hier enkele huizen verder.

Nog harder gelach. 

Men heeft me dan verteld dat deze oude man niet kon stoppen en nu blind was.

Mijn haar was geknipt door een blinde.