Lees over mooie, bijzondere of leerzame verhalen, belevenissen of ervaringen van medeleden.


Mocht u ook een ervaring op deze plek willen delen dan plaatsen wij dat heel graag. 


Geplaatst op 26 november door El Paisano de Teno.

Spaans eten; of toch Canarisch?

Er zijn natuurlijk meer eetgewoontes dan alleen de tapas als typisch Spaans dan wel Canarisch aan te wijzen. We leven in een tijd waarin er vrijwel dagelijks meerdere kookprogramma’s op de buis te zien zijn; sterker nog: er is haast geen praatprogramma dat niet een deel van zijn tijd besteedt aan het bereiden van mooie en exquise gerechten. Toch ben ik door de jaren heen recepten tegengekomen die door de keuze van vlees , vis , groenten en kruiden als typisch Spaans/Canarisch aangemerkt kunnen worden.

Net zoals bij opvallende Tapas heb ik daar dan aantekeningen van gemaakt. Lang niet allemaal zijn die gerechten vreselijk verbazend, zgn. Haute Cuisine, of samengesteld uit ingewikkelde en exotische kruiden, maar ze zijn wel allemaal heel smakelijk!

Conejo a la I Fonche. (I Fonche omdat ik het daar voor het eerst gegeten heb)

Aan brokken gesneden konijn met peper en zout (ook wel ingesmeerd met pimento picante) braden met olijfolie in de koekenpan. Let op dat het konijn wel gaar wordt maar niet zolang in de pan is dat het vlees droog wordt. In een aparte pan ui-ringen (veel) met schijfjes knoflook laten carameliseren. Het geheel op in een flinke schaal op tafel zetten, het konijn begraven in de ui-ringen en knoflook. Prima erbij is een schaal papas arrugadas.

 

Morcillo (Canariaanse zoete bloedworst) met Italiaanse pepers.

De groene lange pepers bakken met zeezout (a la Padrón) met veel ui-ringen en knoflook. De bloedworst in een goed ingevette andere pan langzaamaan knapperig braden. Dan de groene pepers in de lengte opensnijden en vullen met de aan stukken gesneden bloedworst en bedekken met de ui-ringen en knoflook. Naar smaak daar nog wat grof zeezout overheen.

Tonijn met knoflook.

Het beste kun je kiezen voor Bonito tonijn. De tonijn snijden in brokjes van 3 bij 3 bij 3 centimeter. Per brokje steek je er dan een gelaminerd schijfje knoflook in; licht insmeren met olijfolie , wat peper en zout erover heen en paneren en om en om frituren in een klein laagje hete olijfolie. Wat citroensap en overheen knijpen en serveren.

 

Eenvoudige schoongemaakte witvis zonder graten met chorizo

Hiervoor heb je behalve witvis ook nodig: ui-ringen, knoflook en aan schijfjes gesneden chorizo en groene verse asperges. Eerst de knoflook snippers aanfruiten in olijf olie, dan de ui-ringen eraan toevoegen met wat peper en zout en vervolgens de asperges; niet te lang door stoven. In een ingevette pan de chorizo vrijwel droog bakken tot iets knapperig en bij de groenten voegen. Nu de stukken vis erbij en een voorverwarmde vis caldo (bouillon). Niet teveel caldo, de vis moet net door het vocht bedekt worden. Door laten stoven tot de vis gaar is. In Gallicia wordt dit in een stenen schaal opgedient en wordt het gegeten met stokbrood. De schaal gaat dan midden op de tafel, ieder schept er naar smaak uit en het stokbrood wordt in het vocht gedompeld.

 

Aardappelen a la Cantabria.

Aardelen schillen en voorkoken tot net niet gaar. Kwart liter blik artisjok-harten er doorheen plus een pakje oesterzwammen, fijn gesneden knoflook en verse peterselie er door heen scheppen met olijfolie en een beetje azijn. Zout en peper naar smaak. Met olijfolie kort stoven in een wok. Serveren als vegetarisch alternatief of als smakenlijk bijgerecht.

Pittige cognac saus

Een halve fles brandy afvullen met doorgesneden pidi pidi's of verse spaanse pepers. Kurk op de fles maar met een cocktail prikker ertussen geklemd zodat de vloeistof in hele kleine hoeveelheden eruit gesprenkeld kan worden voor gebruik als smaakmaker in soepen en sauzen etc. Is wel heel scherp, dus oppassen.

Beste leden, ik stop er voor vandaag mee, zelfs van het schrijven heb ik trek gekregen en daar ga ik nu wat aan doen.

 

El Paisano de Teno


Geplaatst op 31 oktober door El Paisano de Teno.

 

Landleven

Natuurlijk voelen wij ons verschrikkelijk goed thuis op Tenerife.

Dat is niet voor niets; dat komt mede door de vriendelijke bevolking, de vriendelijke prijzen, het mooie weer en de gezellige clubverbanden.

Het werkt allemaal mee om onze keuze voor dit eiland telkens weer te bevestigen.

Toch waren er vroeger in Nederland ook vaak momenten waar we graag aan terugdenken. Eén van mijn blijvende herinneringen aan mijn leven daar, ligt in het dorp Epe in Gelderland, waar we een leuk huis in het bos van het buurtschap Tongeren in de wacht hadden gesleept. Een gezellig dorp met een gevarieerde gemeenschap van mensen; een mix van alle rangen en standen. In die tijd waren wij enorme liefhebbers van paarden, hetgeen niet onlogisch is als je middenin de uitgebreide bossen en heidevelden van de Veluwe je huis hebt gevonden. Je kon daar uren op je paard ronddwalen, alleen of met vrienden, zonder noemenswaardig veel mensen tegen te komen, Er was natuurlijk een ruiterclub die op een vaste avond in de week in de manege samenkwam voor wat lessen om hun ervaring op peil te houden. 

Meerdere leden hadden een rijtuig en vaak trokken we dan met een hele stoet het bos in voor een picknick; geweldig!  Ikzelf had meestal wel een paar paarden op stal en het is de herinnering daaraan die me ertoe brengt om dit stukje te schrijven.

We hadden een behoorlijk stuk grond waarop paarden graasden, een 40-tal krielkippen en een melkgeit met geitjes. Mijn werkbevond zich op een uur rijden bij ons huis vandaan en er ging elke dag nogal wat tijd zitten in de verzorging van al dat spul. Ik stond dan ook dagelijks kort na vijven naast het bed, schoot in een oud hemd en broek, de klompen aan en begon dan aan de dagtaak.

Eerst buiten bij de keuken een paar handen voer voor de kippen strooien. Die kwamen dan met veel misbaar uit de toppen van een rijtje sparren naar beneden gevlogen. Ja, echt gevlogen; het waren krieltjes en half verwilderd. Ik kon altijd zien of er een vos in de buurt was geweest, want dan zaten ze op het dak van het huis. Ze vlogen net zo makkelijk naar boven als naar beneden, zodat de vos geen kans had.

Daarna door naar de stal. De paarden stonden al hinnikend te wachten; een paar scheppen biks in de voerbak; een ongeduldig paardenhoofd dat je opzij duwde. Even je hoofd tegen een zijige warme hals en dan hadden ze geen tijd meer voor je en gingen ze vol op het voer aan. Weer naar buiten, nu was de geit aan de beurt. Ook een bak voer natuurlijk en terwijl ze at, de melkemmer eronder voor een paar liter schuimend vocht. We dronken de melk zelf; wel aangelengd met wat water, anders was het te vet. Voor de grap maakten we ook wel boter. Daarna ging de geit aan de lange lijn het bos in en op een grasrijke plek ging de pen in de grond. Overdag stonden de paarden op een stuk land tussen de bomen. Dus nu daarheen om wat plukken hooi hier en daar te verspreiden en om het water te controleren. Dan de beesten van stal, aan de halsters naar het hek brengen en loslaten.

Intussen was de zon opgekomen en scheen deze laag tussen de bomen door.

Een prachtige, in de ochtendnevel, wat mystieke belichting van de opgewonden dravende dieren; hoofden hoog, staart omhoog, snuivend en stampend om uiteindelijk aan het hooi te beginnen. Terwijl ik daar stond te genieten, kwam uit de keuken de geur van verse koffie, op dat moment de lekkerste geur die er was en werd het hoog tijd voor een douche en in de auto op weg naar het werk.

Een beter begin van een werkdag was nauwelijks te bedenken.


Geplaatst op 27 oktober door Jan Kramer.

 

Duiken op Tenerife

Mijn naam is Jan Kramer en sinds februari van dit jaar woon ik samen met mijn vrouw Elly in Playa Paraiso. Al enige maanden zijn wij lid van de “Holland Club” en bezoeken regelmatig op woensdag de koffieochtend. Wij voelden ons meteen welkom. Dat was super.

Al gauw kwam de de vraag of ik iets wilde vertellen over mijn passie: duiken op Tenerife. Door dit verhaal hoop ik ook anderen nieuwsgierig en enthousiast te maken voor het duiken.

Zo’n 21 jaar geleden werd ik (Jan Kramer, nu 71 jaar) aan het strand van Vista Beach getroffen door de gelukzalige glimlach van duikers die uit zee kwamen.

Ik moest dat toch ook eens proberen en zien/ervaren wat daar zo bijzonder aan was.

Een proefduik vanaf het strand. Onder water kwamen er vrijwel meteen allemaal visjes op mij af. Wat ik niet wist, was dat de duikinstructrice brood boven mijn hoofd aan het verkruimelen was.

Meteen was ik verkocht en dezelfde vakantie haalde ik mijn PADI Open Water brevet. Mijn instructeur was Ray Vonk en hij werkt nog steeds bij Aqua-Marina Diving (www.aqua-marina.com). Het was een hele ervaring om de eerste keer met een koprol achterover van de boot af de volle zee in te gaan.

De volgende vakantie haalde ik mijn Advanced Open Water Brevet en volgde ik ook nog allerlei speciale cursussen.

Ray zei tegen mij: “Als je meer wilt doe dat dan in Nederland: koud water en slecht zicht. Maar als je daar kunt duiken kun je overal duiken!“

Het werd een fanatieke verslaving. Het hele opleidingstraject van PADI (Professional Association of Diving Instructors) heb ik doorlopen. Van Rescuediver tot uiteindelijk Open Water Instructeur zo’n 17 jaar geleden.Al ongeveer 22 jaar zijn mijn vrouw Elly en ik ongeveer twee keer per jaar naar Tenerife getrokken.

Vorig jaar besloot ik te stoppen met werken en hebben wij het besluit genomen Nederland definitief te verlaten en ons op Tenerife te vestigen. Vlak voor de Corona crisis betrokken wij ons appartement in Playa Paraiso en zeggen regelmatig “goed dat we precies op tijd geëmigreerd zijn”!

Ook al ben ik 71 jaar, ik blijf hier met veel plezier duiken. Mijn vrienden van Aqua-Marina helpen wel om dat te kunnen blijven doen. Ik hoef bijvoorbeeld niet meer zelf met de uitrusting op mijn rug van de auto naar de boot lopen of na de duik het water uit de ladder van de boot op met die uitrusting op mijn rug. Aqua-Marina is voor mij een soort thuiskomen want buiten de deskundige en behulpzame staf ontmoet ik natuurlijk ook regelmatig dezelfde duikvrienden van over de hele wereld.

Het duiken zelf is hier geweldig. Naast een aantal bijzonder mooie wrakken is het water zeer helder met heel veel verschillende vissoorten.

En..... het zal je maar gebeuren, dat er regelmatig dolfijnen rond de boot opduiken. Onder water zie je o.a.: schildpadden, barracuda’s, roncadores, inktvissen, morenes, pijlstaartroggen, anemonen en eigenlijk te veel vissoorten om op te noemen. Als je geluk hebt zie je zo nu dan een schattig zeepaardje.

Duiken verveelt nooit.

Maar ik zou zeggen: Probeer het eens.

Je hebt daarvoor geen brevet nodig. Ga het proberen op Tenerife, begeleid door 1 van de duikprofessionals van Aqua-Marina Diving, dat moet een geweldige ervaring zijn.

Je bent vast en zeker van harte welkom bij hen.

Het PADI Discover Scuba Diving Programma laat je toe zonder opleiding de wondere en bijzondere onderwaterwereld te verkennen. Kijk eens op de website van Aqua-Marina, op hun Facebook pagina of zoek hun YouTube filmpjes over duiken op Tenerife.

Heb je belangstelling en/of wil je hierover vragen aan mij stellen doe dat gerust via mijn e-mailadres: jan.kramer01@gmail.com. Ik neem dan contact met je op zodat we het ook kunnen hebben over medische voorwaarden.

 

Hopelijk zien we elkaar een keer! Lijkt mij super leuk.

Jan Kramer


Geplaatst op 14 oktober door El Paisano de Teno.

 

Tenerife rural

We beseffen natuurlijk niet altijd op wat voor een gezegend eiland we hier wonen, maar nu, in de herfst, word je er weer met de neus bovenop gedrukt.

Als ik ´s-morgens vroeg de deur van mijn huisje in Ruigomez op 900 meter hoog en aan de regenkant van het eiland achter me dichttrek om aan mijn dagelijkse wandeling te beginnen, ruik ik al direct de pittige geur van de verschillende kruiden die hier vrijelijk groeien.

Het zachte herfstregentje van de laatste dagen heeft de natuur in staat gesteld het beste van de herfst te laten opbloeien tussen het al eeuwig groene struikgewas.

Ik weet dat de meesten van ons hier zijn om te genieten van de constant aanwezige zon waar het eiland beroemd om is, daar is niets mis mee, maar Tenerife heeft meer te bieden.

Hier boven aan deze kant van het eiland is de natuur veel vriendelijker. De overwegend uit noordelijke richtingen waaiende winden, voeren vaak wolkenvelden aan die blijven hangen tegen de heuvels en bergen die dwars over het eiland zijn ontstaan, met de Teide als hoogste punt. Vaak ontstaat er daardoor ook zomers een lichte mist, meestal vanaf 300 meter hoog, die zorgt voor vocht en af en toe een licht buitje. Precies wat de planten en bomen nodig hebben om ons te verrassen met permanent groen, ook zomers dus.

In tegenstelling tot de zonnige kant van het eiland blijft het daardoor hier vruchtbaar en gezond. Hier vind je dan ook veel kleine boerenbedrijfjes met wat akkerbouw, 10 geiten en een koe, bedrijfjes die zich uitstekend kunnen bedruipen en vooral ook in hun eigen behoeften kunnen voorzien. Er wordt wel het een en ander verkocht, maar door de goedkope import kom je het in de supermercados niet veel tegen.

Onderaan mijn straatje sla ik rechts af en loop bij het dorp vandaan langs een licht kronkelende weg tussen een aaneen gesloten haag van bramenstruiken door. De bramen zijn al over hun hoogtepunt heen, maar er zitten nog steeds hele plukken kleine braampjes aan de stengels; echter door de tijd van het jaar al te zuur voor de jam.

Door de bramenplanten heen groeien de vijgenbomen, die al veel blad verloren hebben, maar nog steeds met veel bruikbare groene vijgen voor de liefhebber.

Mijn leven heb ik meer doorgebracht op en bij de zee en de enorme verscheidenheid aan planten die ik hier om mij heen zie, kan ik mede daarom onmogelijk benamen. 

Ik herken in het wild groeiende geraniums in verschillende kleuren en ook de diverse tamme kastanjebomen. Ik zie de eerste plantjes van klavertje vier die later zullen losbarsten in een overdaad aan botergele bloemen en die veel groter worden dan bij ons in Nederland waar dat spul laag op de grond groeit (waarschijnlijk zodat de konijnen er goed bij kunnen).

Na een bocht komt de Teide vol in het zicht. Hiervandaan is er geen bebouwing op de voorgrond om het beeld te vertroebelen; de spits is vaak gehuld in wolken en geeft elke dag een ander beeld. Hier en daar kom je nog langs een akkertje met vergeelde tarwe die klaar staat om geoogst te worden en een net zo gele akker met maisplanten die al lang geoogst had moeten zijn, hoewel dat met de huidige Coronacrisis wat moeilijker ligt. De meeste jongere mensen wonen en werken beneden aan de kusten en het overgrote deel van de bevolking van Ruigomez is op leeftijd. Die hoge leeftijd, daar zijn ze ook best trots op en verklaren dit door de pure lucht hierboven met een minimum aan vervuiling èn aan het feit dat ze hoofdzakelijk van hun eigen akkers eten. Je ziet tegen de tijd van de middagmaaltijd ook vaak vrouwen even het bos inlopen om kruiden bij elkaar te sprokkelen voor de soep.

Tijdens de wandeling kom je vaak “vecinos” tegen op weg naar hun akker of ook op pad voor een gezondheidswandeling. De hele “barrio” wordt door zo´n 100 mensen bevolkt, dus je kent al gauw iedereen. Mijn Spaans is niet van de allerhoogste kwaliteit en het dialect van het dorp is bovendien moeilijk te verstaan, maar doordat de gesprekken hoofdzakelijk gaan over het weer, de behoefte aan regen en de aardappelen, kom je er al gauw uit.

Na een uurtje of zo zit de wandeling er weer op en trekt de gedachte aan verse koffie je weer op huis aan; een heel bevredigend begin van de dag!

Uw correspondent,

El Paisano de Teno


Geplaatst op 1 augustus door Ellen Borkes.

 

Spaanse gezelligheid of lawaai?

Is het u wel eens opgevallen, dat als Spanjaarden met elkaar praten, ze dat altijd op luide toon doen, ook al staan ze vlak bij elkaar? Bij mij komt het over alsof ze ruzie met elkaar hebben, maar nee, het is dan juist erg gezellig! Ik heb het vermoeden dat voor een gemiddelde Spanjaard, lawaai maken gelijk staat aan plezier maken.

Hoe komt dit; waar zit de oorsprong hiervan? Mogelijk hierdoor:

Spanje is een volk met trots. Het is een groot land met veel ruimte; men is niet gewend om op een kluitje te wonen en rekening te houden met anderen. Spanjaarden houden van een feestje, blijven laat op, zijn gepassioneerd en expressief. Misschien speelt de geschiedenis hierbij ook een rol. Na het regime van Franco zijn de mensen vrijer en opener geworden.

 

In het noorden zijn de mensen wellicht wat meer ingetogen dan in het zuiden, maar in het algemeen verschilt het niet zoveel. Natuurlijk is er in een stad wel meer lawaai dan op het platte land en is het in een bar met zijn tegelvloeren altijd luidruchtig.

Wel opmerkelijk is dat de Spanjaarden wel zacht kunnen praten in kerken en wachtruimten bij doktoren/ziekenhuizen bijvoorbeeld.

Volgens de WHO is de aanvaardbare grens voor de gezondheid 65dB en wordt deze dagelijks in Spanje overschreden. Langdurige blootstelling aan lawaai beschadigt de zintuighaartjes in het binnenoor (80dB is de veiligheidsgrens). Ondanks nieuwe wetgeving blijft het Spaanse lawaai van hoog niveau.

Inmiddels neem ik het lawaai voor lief. Gelukkig valt het hier op Tenerife nog wel mee, alhoewel; als de Spaanse buren feestvieren of bezoek hebben geniet ik ervan mee.


Geplaatst op 18 mei door Gerard van Amstel (pseudoniem).

 

Ik mis alleen de klokjes.

Na een lange voorbereiding waarbij je aan alles gedacht hebt is het zover.

Je betrekt een andere woning in een ander land op een eiland bij Afrika, Tenerife. De eerste maanden bekijk je alles met verwondering om je heen in dit nieuwe land met z´n heerlijke klimaat, mooie stranden, hoge bergen en avontuurlijke bossen. Over de winkels ben je tevreden en het uitgaansleven is uitdagend genoeg om alles eens te willen bezoeken.

 

Maanden later. . . . . . .

 

Mis je niets uit het vaderland vroeg iemand, maar nee zei ik, ik mis eigenlijk niets.

Pas veel later kwam het, er was toch iets en ineens dacht ik eraan, ja, ik mis iets.

De beiaard, de zachte deken van vrolijke klanken over de stad.

 

Ik mis het gebeier van de grote klokken en het zoete getingel van de kleine klokjes.

Als ik er aan terug denk kwam de sfeer weer terug. De lange avonden in de winter, de sneeuw in de straten dat alle geluid een beetje dempte.

En daarboven klonken de vriendelijke tonen uit de ranke toren.

Maar ik vergeet ook de middagen op de terrasjes niet als de zon vriendelijk over de pleinen scheen.

Als pareltjes liet de beiaard zijn klanken over de daken rollen.

Die klokjes maakten het toeven in de stad tot een unieke belevenis die je in bijna geen land kunt beleven. De beiaard is dan ook één van de mooiste culturele hoogtepunten van de lage landen.

En ja, dat mis ik.

Luister maar.

Het duurt even voordat de muziek begint.


Geplaatst op 20 april door Joost Onderwater (nom de plume).

Het verandert (n)ooit.

Lang geleden, we waren nog piep jong, begonnen onze grote avonturen, met de fietsjes naar de beken en het bos, naar de spanning die het onbekende ons zonder enige twijfel zou brengen. Indien deze website zo goedmoedig zou zijn om nogmaals één van mijn schrijfsels op haar pagina´s te plaatsen komt u daarover ongetwijfeld veel meer te weten.

Er was zoveel te ontdekken dat de dagen die we vrij waren van school niet voldoende waren om alle bijzonderheden van de rijke natuur te kunnen bewonderen. We wilden toen alles verkennen, beukennootjes zoeken was slechts een verplicht uitje met vader en moeder om de lange zondag door te komen.

En dan hadden we nog geluk dat we niet naar tante Hilda en oom Cor moesten. Oudoom en tante waren die twee. Ze begonnen na het obligatore glaasje fris met een klein stukje taart altijd de rest van de middag te verzieken met zang en piano spel. Gesproken werd er niet zoveel maar het was voor onze culture vorming van groot belang zo werd ons onophoudend voor gehouden.

Dat zal dan wel.

Ik zal echter nooit vergeten dat bij het afscheid mijn stevig gebouwde tante zich met haar borsten altijd net wat te fors tegen mij aandrukte met de wens dat ik goed op mezelf moest passen. Ze drukte daarmee altijd het snoepje dat ik zo juist van haar gekregen had bijna dwars door mijn tanden heen. Waarschijnlijk goed bedoeld maar toch altijd iets waar tegen ik op zag, zeker als ze me er een bemoedigende tik op m´n billen als een soort van toegift achteraan toediende.

En zo waren er nog wel wat ooms en tantes die ons met goede bedoelingen van onze eigen bedoelingen afhielden. Maar goed, op eigen kracht het leven verder in gaan was ook geen optie. Dat maakte de opofferingen een beetje goed, we waren er tenslotte, althans gedeeltelijk, ook voor het plezier van onze tantes.

Nu nog zes maanden, dan wordt ik oudoom. Wat zal dat kind straks blij zijn als tenminste één oudoom en tante op ruim 3000 kilometer afstand wonen. Maar als mijn nieuwe neefje of nichtje ooit komt dan zal ik ze hier de natuur laten zien, de ijsgrot in de Cañadas en druipende rotsen in de Anaga.

Ik mag toch alsjeblieft niet hopen dat ze dol zijn op zang en piano met een paar snoepjes aan het eind?


Geplaatst op 28 januari door Jean-Loub de Villbiss (nom de plume).

 

De kapper.

Vorige week ben ik naar de kapper geweest. Mijn vertrouwde kapper was echter per 1 jan op rust. Een bedeesde jonge man neemt nu de dienst waar.

Het is een eenvoudige kapperszaak hier in "ons dorp" met niet veel keuze of frivoliteiten.

De conversatie begint steevast met een naam van een seizoen. Nu dus normaal invierno, dat wil zeggen winterkapsel.

Maar overmoedig door een vleugje zon vroeg ik primavera.

Ik draag een sterke bril, zonder zie ik niets, en die zet ik af voor de kapbeurt.  Ik moet erop vertrouwen dat de vakman het goed doet. Enkel na gedane arbeid rijkt hij me mijn bril aan voor beoordeling met de spiegel.

Nu primavera was een beetje te enthousiast zowel door mij als voor de nieuwe kapper.

Laat me zeggen het was goed kort. 

Woensdag bij een etentje met vrienden was er de onvermijdbare commentaar op mijn kapsel  en dat bracht mij bij een ander verhaal.

Toen ik nog werkte was ik altijd op tijd voor mijn afspraken. Stipt 2 minuten te vroeg.

Om dit mogelijk te maken was ik soms veel te vroeg ter plaatse. 

Ook deze keer. Een kleine Vlaamse stad en ik was geparkeerd op de markt mijn notas aan het doornemen.

Afspraak met de directie van een speciale tapijtweverij. Twee broers, wijsneuzen,eigenaars en beide ingenieurs, die jacquardgetouwen verbouwden naar eigen behoeften. Tapijten op maat met ingeweven wapenschilden, spreuken of logos. Enkel op bestelling, wereldwijd.

Dit was een moeilijke afspraak want deze keer was de directie ook nog eens bekwaam, toch een tikkeltje gespannen.

Als ik dan veel te vroeg was gebeurde het wel eens dat ik naar de kapper ging voor een scheerbeurt haren bijknippen en kammen.

Dat ontspande me en ik voelde me beter in mij mijn vel, meer zelfvertrouwen.

Zo ook nu. Van uit mijn wagen keek ik recht op een kapperszaak. Een huis van vertrouwen op de markt. Binnen was het echt een prachtige antieke kapperszaak, met stoelen vol chrome en echt leder. Ik was er alleen. Een oudere man slofte binnen en ik mocht zitten.

Bril af en hij schoor me perfect. weliswaar traag maar niets op aan te merken. Mijn haren nog trager zodat ik me zorgen begon te maken over mijn afspraak.

Eindelijk, vlug bril op, betalen en naar de weverij.

Ik weet niet meer hoe deze afspraak verlopen is maar het was reeds laat toen ik er buiten kwam. Naar huis.

Mijn vrouw keek me verbaasd aan en troonde me mee naar de badkamer. " Kijk maar eens in de spiegel ! " Hilarisch, haar in pieken en asymmetrisch, een raagbol was nog beter.

Zij heeft wat bijgeknipt maar het bleef afschuwelijk.

Een week later was ik opnieuw in dat stadje en ging iets drinken op de markt bij een bevriende kastelein.

We waren beide fervente amateur fotograven. Het duurde niet lang of het gesprek ging over mijn haar, iedereen lachte. Ter mijner verdediging zei ik dat deze ramp wel veroorzaakt was door een stadsgenoot, hier enkele huizen verder.

Nog harder gelach. 

Men heeft me dan verteld dat deze oude man niet kon stoppen en nu blind was.

Mijn haar was geknipt door een blinde.